Einde inhoudsopgave
Beschadigd vertrouwen 2021/8.6.6.3
8.6.6.3 Duidelijk tijdspad
G.M. Kuipers MSc, datum 01-09-2021
- Datum
01-09-2021
- Auteur
G.M. Kuipers MSc
- JCDI
JCDI:ADS480879:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 2017/18/ 33529, nr. 330, p. 2-3.
Stcrt. 2018 nr. 6398.
Klachten Jaarrapportage 2018, p. 26.
Hof Arnhem-Leeuwarden 23 januari 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:618, r.o. 8.98.
Bestuursakkoord 2014, p. 5.
‘Extra aanvragen energiepremie blijven op de plank liggen’, RTV Noord 14 maart 2016.
Stcrt. 2017, 15110.
Rapportage eerste kwartaal 2016, p. 10; NCG 25 januari 2018; Versnellingspakket 2020, p. 17.
SodM 19 juni 2020.
Aardbevingsrisico’s in Groningen 2017, p. 16.
Klachten Jaarrapportage 2019, p. 24.
Klachten Jaarrapportage 2019, p. 26.
Klachten Jaarrapportage 2019, p. 26.
Veiligheid voorop en de bewoner centraal 2018, p. 56.
Veiligheid voorop en de bewoner centraal 2018, p. 57.
Voortgang van de versterkingsopgave 2019, p. 33.
Jaarverslag NCG 2020, p. 14.
Provincie Groningen 1 september 2016; Tussenevaluatie 2019, p. 5; Provincie Groningen 30 september 2019; Folkers, RTV Noord 19 november 2019; De Veer, Dagblad van het Noorden 24 maart 2021.
Tussenevaluatie 2019, p. 11.
Toukomst: Advies Toukomstpanel 2021.
Jaarverslag NPG 2020, p. 8.
Het schadebeleid in Groningen kende veel onzekerheden en het precieze tijdspad van de afhandeling en de versterking vormde daar onderdeel van. Toen op 31 maart 2017 werd aangekondigd dat NAM uit de schadeafhandeling stapte en een nieuw schadeprotocol zou worden ontwikkeld, was inzet van betrokken overheden en maatschappelijke organisaties uiterlijk 1 juli 2017 met een nieuwe aanpak te komen.1 De onderhandelingen duurden, mede door het verkiezen en aantreden van een nieuwe regering, zo’n tien maanden. Pas na de aardbeving in Zeerijp leek het dossier weer actueel te zijn en werd de aanpak van de publieke schadeafhandeling aangekondigd.2 De Onafhankelijke Raadsman constateerde dat Groningers boos waren dat het lang had geduurd en dat onrealistische verwachtingen waren geschapen.3
Rond de regeling waardedaling was door de gerechtelijke procedures die werden gevolgd lang onduidelijk of verlies pas bij verkoop of ook los daarvan kon en moest worden gecompenseerd. Volgens het gerechtshof zou schade vóór verkoop vergoeden kunnen leiden tot meer duidelijkheid voor inwoners van het aardbevingsgebied zodat gevoelens van onzekerheid werden verminderd.4 Langs deze argumentatie besloot ook het IMG waardedaling te vergoeden. Het tijdspad van de waardevermeerderingsregeling kende eveneens onzekerheden. Bij aankondiging van de regeling werd gesteld dat een tijdelijke provinciale regeling zou worden opgevolgd door een definitieve landelijke maatregel.5 Minister Kamp kondigde echter aan dat de regeling werd opgeheven6 waardoor een stormloop op de regeling ontstond. Na veel kritiek kwam de minister tot inkeer7 en kondigde een rijksregeling aan, die – vanwege bestaande subsidieregels – vijf jaar van kracht zou zijn.8 Over een eventueel vervolg is nog niet gecommuniceerd. Bij het Koopinstrument werd het tijdspad meermaals gewijzigd: eerst was sprake van een pilot, toen van een regeling tot en met 2020, en daarna tot en met 2024.9
De grootste vraag wat betreft het tijdspad in het Groningse dossier is de schadeoorzaak zelf. Hoewel de gaswinning vervroegd zal worden beëindigd – en de deadline daarvan meermaals naar voren is getrokken10 – blijft ongewis of de aardbevingen in de toekomst zullen blijven plaatsvinden, en met welke intensiteit. Staatstoezicht benadrukte dat niemand weet hoe lang de aardbevingen zullen plaatsvinden, ook bij een beëindigde gaswinning.11 Die voortdurende onzekerheid kon niet door schadeafhandeling worden opgelost.
De versterking poogde Groningers meer zekerheid te bieden door woningen en collectieve gebouwen te bestendigen voor aardbevingsrisico’s. Het tijdspad van de versterking was echter onduidelijk en werd voortdurend opgerekt. In 2016 bleek sprake van ‘een verschil van interpretatie’12 over de termijn: in het door NAM ingediende winningsplan stond dat versterking binnen vijf jaar moest plaatsvinden. Volgens het Rijk begon deze termijn als in een versterkingsadvies duidelijk werd dat moest worden versterkt, terwijl de termijn volgens de regio betekende dat de versterking voltooid moest worden binnen vijf jaar.13 De voortgang van de versterkingsoperatie onder regie van de NCG liep anders dan gepland: er werden veel minder gebouwen geïnspecteerd, beoordeeld en versterkt dan per jaar beoogd. De minister zorgde in 2018 voor vertraging en onduidelijkheid toen hij de versterkingsoperatie tijdelijk pauzeerde.14 De nieuwe risicogerichte aanpak werd pas maanden later gepresenteerd en vervolgens moesten lokale plannen van aanpak worden ontwikkeld. Voor de Onafhankelijke Raadsman was ‘extra wrang’15 dat bij de uitvoering van de lokale plannen onvoldoende capaciteit bleek terwijl in 2018 ‘veel bouwkundigen door bureaus zijn ontslagen omdat er geen werk meer was.’16 De NCG koos vanwege ‘navolgbaarheid en uitlegbaarheid’17 voor ‘zorgvuldigheid boven snelheid’.18 Het SodM bleef juist het belang van voortvarendheid in de versterking benadrukken. Het karakteriseerde de situatie in Groningen medio 2019 als een crisis en stelde dat procedures rond werkorders, aanbestedingsprocedures en vergunningaanvragen leidden tot verdere vertraging. De voortgang van de versterking zou volgens Staatstoezicht leidend moeten zijn en regels en procedures zouden hierop moeten worden aangepast.19
De aangekondigde leefbaarheidsmaatregelen voor 2014-2018 werden in deze periode opgezet en toegekend, hoewel de uitvoering in sommige gevallen tot 2020 plaatsvond.20 De realisatie van het project rond breedbandinternet liep enkele jaren vertraging op.21 Het Loket Leefbaarheid moest een jaar eerder worden gesloten: het budget was op.22 Het Nationaal Programma Groningen startte als opvolger per 2019 en wordt beoogd tot 2030 te functioneren. De aanlooptijd was relatief lang, aangezien gemeenten en provincie na het ontwerp van het programmakader eerst lokale en thematische programma’s dienden op te stellen.23 De toekomstvisie via project Toukomst liep vertraging op vanwege de coronacrisis.24 Via jaarlijkse evaluaties en monitoring zal de voortgang van de verscheidenheid aan leefbaarheidsprojecten worden bijgehouden.25