Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht
Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.4.2.6:9.4.2.6 Te zijner beschikking of onder zijn berusting
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.4.2.6
9.4.2.6 Te zijner beschikking of onder zijn berusting
Documentgegevens:
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS576385:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een overzicht van jurisprudentie Ekelmans 2007, p. 13-14.
Ekelmans 2007, p. 14 en de daar vermelde jurisprudentie. Zie bijvoorbeeld Rb. Rotterdam 2 augustus 2006, LJN AY7032(Vlaardingen/Hannover en Axa) en Rb. 's-Gravenhage 25 oktober 2006, HA ZA 04-2618.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De aangesprokene hoeft bescheiden die niet te zijner beschikking of onder zijn berusting verkeren niet te overleggen. Wat iemand niet heeft, kan immers ook niet gegeven worden. De vraag is of de aangesprokene de bescheiden ook fysiek onder zich moet hebben of dat van hem kan worden verlangd dat hij bescheiden produceert waarover hij de beschikking kan krijgen door deze van een derde terug te vragen. De laatste optie komt mij juist voor. In de lagere rechtspraak kan steun voor deze opvatting worden gevonden.1 Uiteraard zal in het geval dat aan de aangesprokene geen recht toekomt om de bescheiden aan hem te doen verstrekken, niet kunnen worden verlangd dat de desbetreffende bescheiden moeten worden overlegd aan de verzoeker.2
Degene die uit hoofde van zijn ambt, beroep of betrekking tot geheimhouding is verplicht, zal niet gehouden zijn aan de vordering tot inzage of afschrift van bepaalde bescheiden te voldoen, indien de bescheiden uitsluitend uit dien hoofde ter zijner beschikking staan of onder zijn berusting zijn. Degene die de bescheiden te zijner beschikking of onder zijn berusting heeft, is niet gehouden aan deze vordering te voldoen, indien daarvoor gewichtige redenen zijn, alsmede indien redelijkerwijs aangenomen kan worden dat een behoorlijke rechtsbedeling ook zonder verschaffing van de gevraagde gegevens is gewaarborgd (artikel 843a lid 4 Rv).