Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort
Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/2.2.1.0:2.2.1.0 Introductie
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/2.2.1.0
2.2.1.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. drs. C.M. Harmsen, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180314:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wet van den 23sten Maart 1826, inhoudende den tweeden titel van het eerste boek van het Wetboek van Koophandel, Stb. 1826, 18 en Wet van den 23. December 1834, houdende veranderingen in het eerste boek van het Wetboek van Koophandel, Stb. 1934, 42.
Inschulden zijn vorderingen op schuldenaren.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het eerste artikel van de Titel “Van Koopmansboeken”, artikel 6 WvK, luidde bij de inwerkingtreding op 1 oktober 1838 als volgt:1
“Elk Koopman is verpligt dagboek te houden, waarin van dag tot dag naar orde des tijds, zonder witte vlakken, tusschenregels of kantteekeningen, moeten worden aangetekend zijne inschulden2 en schulden, de ondernemingen in zijnen handel, de trekkingen, acceptatien, of endossementen van wissels en andere handelpapieren, zijne verbindtenissen, en in het algemeen alles wat hij ontvangt en uitgeeft, van welken aard het ook zij; alles onverminderd de zoodanige verdere boeken als in den koophandel gebruikelijk zijn, doch waarvan het houden door de wet niet geboden wordt.”
De wetgever legde aan de koopman de verplichting op tot het voeren van een boekhouding, met eenzelfde grote mate van detail die ook onder de Code de Commerce van de koopman werd geëist.