Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.6.3.2
17.6.3.2 Beheren en beschikken
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS364893:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld art. 3:43 BW, art. 3:62 BW, art. 3:170 BW, art. 3:207 BW. 3:267 BW en art. 5:126 BW.
HR 23 april 1982, NJ 1983, 240.
Zie Asser/ Van der Grinten en Kortmann 2-I, nr. 27. De omstandigheden van het geval bepalen ook de kaders van de beheeropdracht. Zie par. 17.6.3.1.
Zie Asser/ Van der Grinten en Kortmann 2-I, nr. 27. Zie de conclusie van AG Timmerman HR 23 maart 2012, NJ 2012/393 m.nt. Van Schilfgaarde, JOR 2012/141 m.nt. Josephus Jitta en Barkhuysen (e-Traction-II). Instemmend Compendium 2013, voetnoot 350 op p. 1793 en Te Winkel en Van de Graaff, par. 3.
In diverse wettelijke regelingen1 worden daden van beheer en beschikking tegenover elkaar gesteld. Het is de vraag of deze termen over de gehele wet genomen steeds dezelfde betekenis hebben. Gezien de in par. 17.3.3 getrokken parallel met vertegenwoordiging, zou aansluiting gezocht kunnen worden bij de regels voor volmacht.
Dat zou er op neerkomen dat onder daden van beschikking wordt verstaan de daden die naar verkeersopvatting niet als normaal beheer gelden.2 De grens tussen daden van beheer en beschikking is afhankelijk van de omstandigheden.3 Het overdragen van goederen is niet noodzakelijkerwijs een beschikkingshandeling.4