Einde inhoudsopgave
Accountantsaansprakelijkheid (R&P nr. CA20) 2019/3.10.5
3.10.5 Jegens derden
mr. J.E. Brink-van der Meer, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. J.E. Brink-van der Meer
- JCDI
JCDI:ADS298106:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Juridische beroepen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Deze zorgplicht volgt uit onder andere uit de Tilburgsche Hypotheekbank arresten HR 23 december 1994, NJ 1996, 627 (Curatoren THB/V), NJ 1996, 628 (M/Curatoren), HR 15 september 1995, NJ 1996, 629 (E/Curatoren THB I) en HR 19 juni 1998, NJ 1999, 288 (E/Curatoren THB I).
Waaijer (2017), met verwijzing naar HR 28 september 1990, nr. 13 974, NJ 1991/473.
Boks (2002), p. 155.
Waaijer (2017), paragraaf 3.2 tot en met 3.5.
Van den Akker (2001).
HR 19 juni 1998, NJ 1999, 288.
RB Utrecht 29 september 1999, NJ 2000, 287, r.o. 4.12.
HR 3 april 2015, RvdW 2015/476, Boks (2002), p145-154 en Mourik (2007), p. 797 e.v.
HR 18 januari 2008, LJN BB 5067.
Cherednychenko (2010), p. 66 e.v. en Du Perron (2009), p. 174. Zie tevens: HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285 (Mees Pierson/Ten Bos).
HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285 (Mees Pierson/Ten Bos.
HR 23 december 2005, NJ 2006, 289 m. nt. M.R. Mok, Zie ook: Du Perron (2009), p. 174 en Huizink (2010), p. 15/16.
Du Perron (2009), p. 174.
Huizink (2010), p. 15/16.
Knigge & Bakker (2011), p. 53-59.
Notarissen
De notaris heeft ook een zorgplicht jegens derden.1 Waaijer wijst in dit verband op het volgende: ‘In het kader van de taak van de notaris is door de Hoge Raad gesproken van een op hem rustende ‘zwaarwegende zorgplicht ter zake van hetgeen nodig is voor het intreden van de rechtsgevolgen welke zijn beoogd met de in die akte opgenomen rechtshandelingen’. Die zorgplicht geldt, mede gelet op het vertrouwen dat de deelnemers aan het rechtsverkeer moeten kunnen stellen in een notariële akte, jegens alle belanghebbenden en niet slechts jegens de partijen bij de in de notariële akte opgenomen rechtshandeling’.2
De vraag is vervolgens jegens welke derde-belanghebbenden een notaris zorgplicht kan hebben. Allereerst wordt aangenomen dat hiervoor betrokkenheid vereist is. Naast ‘betrokken’ moet verder sprake zijn van andere omstandigheden voordat sprake is van een zorgplicht. Hierbij kan gedacht worden aan: de kenbaarheid van het belang van die derde, de voorzienbaarheid en de omvang van de schade, het opgewekt vertrouwen en de hoedanigheid van de aansprakelijke persoon.3
Waaijer maakt in dit verband een onderscheid tussen de volgende belangen van derden: (i) derden met een concreet, bepaald recht jegens een partij bij de akte, (ii) derden met een financieel belang bij rechtshandelingen van een partij bij de akte, (iii) derden, niet zijnde crediteuren met een belang bij rechtshandelingen van een partij bij de akte en (iv) derden met een mogelijk, toekomstig belang bij rechtshandelingen van een partij bij de akte. Ik verwijs naar het boek van Waaijer voor een nadere uitwerking van deze belangen.4
De notaris heeft in beginsel geen zelfstandige onderzoeksplicht naar de belangen van derden.5 Indien de notaris echter concrete aanwijzingen heeft dat hij bij het verlijden van een akte mogelijk de belangen van een derde schaadt, behoort hij navraag te doen en indien nodig nader onderzoek te verrichten.6 Indien uit dergelijk onderzoek blijkt, dat een derde door het handelen van de notaris kan worden benadeeld, komt de notaris voor een lastig dilemma te staan. Hij heeft immers een geheimhoudingsplicht, maar wordt onder omstandigheden geacht de derde te informeren/waarschuwen.7 Tevens komt de vraag op of hij ministerie kan/moet weigeren?8
Advocaten
De advocaat kan ook aansprakelijk zijn jegens een derde, die als gevolg van een beroepsfout van de advocaat schade heeft geleden, aldus de HR op 18 januari 2008.9
Financiële ondernemingen
Banken hebben niet alleen een zorgplicht jegens cliënten maar ook jegens derden.10 De Hoge Raad overwoog in de Mees Pierson/Ten Bos uitspraak dat de maatschappelijke functie van een bank een bijzondere zorgplicht meebrengt, zowel jegens haar cliënten wegens de met hen bestaande contractuele verhouding, ‘als ten opzichte van derden met wier belangen zij rekening behoort te houden op grond van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt’.11 Zij heeft dit oordeel herhaald in de ‘Safe Haven’ uitspraak.12 De reikwijdte van de zorgplicht hangt volgens de Hoge Raad af van de omstandigheden van het geval.13 Tot die omstandigheden behoort dat de bepalingen van de Wft, blijkens de wetsgeschiedenis, mede strekken ter bescherming van de belangen van de beleggers.14 De bank kan afhankelijk van de omstandigheden van het geval een onderzoeksplicht en/of waarschuwingsplicht hebben jegens derden. Er kan sprake zijn van een plicht tot handelen wanneer de bank concrete kennis heeft van het dreigende gevaar voor derden.15