Einde inhoudsopgave
Bundeling van omgevingsrecht (R&P nr. SB5) 2012/1.2.2.4
1.2.2.4 Europese Unie: Richtlijn industriële emissies
Mr. J.H.G. van den Broek, datum 01-12-2012
- Datum
01-12-2012
- Auteur
Mr. J.H.G. van den Broek
- JCDI
JCDI:ADS361006:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht (V)
Milieurecht (V)
Omgevingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Dat integratie van omgevingsrecht ook aandacht heeft buiten Europa blijkt onder meer uit: Peeters, Elaborating on integration ofenvironmental legislation: the case ofIndonesia 2006.
Richtlijn 2008/1/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2008 inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging, (PbEU 2008 L 24/8). Het gaat hier om de herziene versie van Richtlijn 96/61/EEG van de Raad van 24 september 1996 inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging (PbEG 1996 L 257/26).
Richtlijn 78/176/EEG van de Raad van 20 februari 1978 betreffende de afvalstoffen afkomstig van de titaandioxide-industrie, (PbEG 1978 L 54/19), Richtlijn 82/883/EEG van de Raad van 3 december 1982 betreffende de voorschriften voor het toezicht op en de controle van de milieus die betrokken zijn bij lozingen van de titaandioxide-industrie, (PbEG 1982 L 378/1), Richtlijn 92/ 112/EEG van de Raad van 15 december 1992 tot vaststelling van de procedure voor de harmonisatie van de programma's tot vermindering en uiteindelijke algehele opheffing van de verontreiniging door afval van de titaandioxide-industrie, (PbEG 1992 L 409/11), Richtlijn 1999/13/EG van de Raad van 11 maart 1999 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen ten gevolge van het gebruik van organische oplosmiddelen bij bepaalde werkzaamheden en in installaties, (PbEG 1999 L 53/54), Richtlijn 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 december 2000 betreffende de verbranding van afval, PbEG L 332/91 en Richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties, (PbEG 2001 L 309/1).
Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) (herschikking), (PbEU 2008 L 334/17).
Eurocommissaris Verheugen, Teveel regelgeving hindert Europese integratie, Forum, 15 maart 2007, p. 13.
Geelhoed, Knopen zonder draden 2006, p. 595.
Ook ten aanzien van Europese wetgeving zijn er voorbeelden van bunde-ling.1 Recent zijn de zogeheten IPPc-richtlijn2 en zes andere richtlijnen3 met betrekking tot industriële emissies gebundeld in het wetssysteem dat wordt gevormd door de Richtlijn industriële emissies.4 In dit verband past een uitspraak van voormalig Eurocommissaris Verheugen van Ondernemingen en Industrie: "Om eerlijk te zijn ... het idee dat minder ook meer kan zijn, is voor veel ambtenaren moeilijk te begrijpen. President Barroso had gelijk toen hij over een culturele revolutie sprak. Ik heb grote moeite om Commissieambtenaren het begrip 'betere regelgeving' uit te leggen. Dan vragen ze: 'Betere regelgeving, hoezo beter, is de bestaande regelgeving dan niet goed?' Dan moet ik uitleggen dat - op zichzelf goede - regelgeving ook achterhaald kan zijn, of dat bepaalde regels beter gebundeld kunnen worden of beter afgestemd op burgers en bedrijven."5 Geelhoed meent dat net als dat op een gegeven moment bij de Nederlandse wetgeving het geval was, de Europese milieuwetgeving toe is aan harmonisatie, codificatie en consolidatie. Volgens hem 'kun je wel het een en ander verbeteren, maar nooit zo dat het volledig aansluit op nationale voorkeuren.'6