Executele
Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/VII.B.12.1:VII.B.12.1 Maakt de executeur-adviseur erfrechtelijke omzet? De Wet OB 1968
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/VII.B.12.1
VII.B.12.1 Maakt de executeur-adviseur erfrechtelijke omzet? De Wet OB 1968
Documentgegevens:
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS402673:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeldHR 2 november 1983, BNB 1984, 47 waar een psycholoog er ten onrechte van uitging dat hij vrijgesteld was van de heffing van de omzetbelasting en dus prijzen zonder omzetbelasting berekende. Toen de psycholoog probeerde de BTW op de afnemers van zijn diensten te verhalen, oordeelde de Hoge Raad dat de psycholoog de belasting uit de oorspronkelijk in rekening gebrachte bedragen dient te voldoen.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een interessante fiscale vraag is of de executeur-ondernemer, bijvoorbeeld een notaris of een belastingadviseur aan de erfgenamen omzetbelasting in rekening dient te brengen. En, zo ja, dan resteert de nog interessantere vraag of de vergoeding inclusief BTW is dan wel verhoogd dient te worden met omzetbelasting.
Over deze rechtsvraag moest de redactie van Vakstudienieuws zich bui-gen.1
Het betrof een casus van een executeur die tevens accountant van erflater was. Dat het een interessante rechtsvraag was, blijkt alleen al uit het feit dat de betreffende executeur van drie verschillende inspecteurs twee verschillende antwoorden had gekregen. In het testament was opgenomen: 'Ik ken de uitvoerder van mijn uiterste wilsbeschikkingen een beloning toe van ƒ 15000 in plaats van het wettelijk loon.' De betreffende accountant heeft dit bedrag verhoogd met de BTW.
Welke argumenten hadden de inspecteurs die van mening waren dat geen omzetbelasting verschuldigd was? Drie punten waren hun inziens van belang. Ten eerste: het uitvoeren van een uiterste wilsbeschikking is geen dienst in de zin der omzetbelasting. Ten tweede: omdat de executeurbeloning bij wet is vastgesteld, is er geen sprake van een overeenkomst. En ten derde: het werk is niet uitgevoerd binnen het kader van een onderneming.
De redactie van Vakstudienieuws was het daar niet mee eens, aangezien het bij het uitvoeren van een uiterste wilsbeschikking om een prestatie gaat die tegen een daarvoor in het vooruitzicht gestelde vergoeding wordt verricht. Dit kan de vergoeding volgens de wet zijn maar ook een, door de 'opdrachtgever', hoger vastgestelde vergoeding, zoals in casu de f 15000. Zeer treffend, in het licht van de erfrechtelijke verbintenis, vind ik de door de redactie voor de beantwoording van de rechtsvraag gekozen benadering om tot een 'oplossing' van het vraagstuk te komen:
'Weliswaar is er geen sprake van een civielrechtelijke overeenkomst waarbij ook de vergoeding is overeengekomen, maar wel degelijk van een door de "opdrachtnemer" aanvaard aanbod met een daarbij in het vooruitzicht gestelde vergoeding van zekere omvang.' (Curs. BS)
Proeven wij hier de quasi-overeenkomstgedachte?
Ook merkt men op dat het uitvoeren van uiterste wilsbeschikkingen wel degelijk binnen een onderneming kan geschieden. Uiteindelijk komt men tot de volgende conclusie:
'dat in gevallen waarin een zelfstandige beroepsbeoefenaar of soortgelijke ondernemer kennelijk om diens professionele kundigheid als executeur-testamentair wordt aangewezen in beginsel aan de heffing van omzetbelasting zal zijn onderworpen, ook al zou diens beloning slechts uit het wettelijk loon bestaan (al zal in die gevallen wel vaker van een in het vooruitzicht gestelde hogere vergoeding sprake zijn). Heffing van omzetbelasting lijkt ons daarentegen niet aan de orde te komen indien de aanwijzing van de executeur-testamentair meer op persoonlijke achtergronden berust, ook al zou de betrokkene op het vlak van de te verrichten werkzaamheden wel een zekere professionele kundigheid bezitten.'
Dan het antwoordop de hamvraag: inclusiefofexclusief?
'met het vorenstaande is nog niet gezegd dat degene die voor zijn werkzaamheden als executeur-testamentair verplicht is omzetbelasting af te dragen daarmee ook de bevoegdheid heeft die belasting boven de aan hem in het vooruitzicht gestelde wettelijke of hogere beloning ten laste van de boedel en dus uiteindelijk van de erfgenamen te brengen. Hetgeen deze laatsten uit de boedel van erflater toevalt zal doorgaans niet op grond van zakelijke verhoudingen worden verkregen, maar in de prive-sfeer. In die sfeer pleegt omzetbelasting in de prijzen te zijn begrepen.'
Voor een'inclusief' benadering als werkbare hoofdregel is iets te zeggen. Ook art. 38 van de Wet op Omzetbelasting 1968 verbiedt de ondernemer om aan particulieren diensten aan te bieden tegen prijzen met zodanige aanduidingen dat de omzetbelasting niet in de prijzen zou zijn begrepen.2 Complicatie blijft dat het niet de ondernemer is die zijn beloning vaststelt, maar erflater (al dan niet met tussenkomst van de wetgever). Wel kan vanzelfsprekend de executeur het aanbod van erflater niet aanvaarden, indien er met de erfgenamen geen overeenstemming wordt bereikt over het BTW-vraagstuk. Wellicht kan ook de kantonrechter in voorkomende gevallen op grond van de onvoorziene omstandigheden-regel van art. 4:144 lid3 BW juncto 4:159 lid3 BW de BTW-knoop doorhakken. Het blijft echter in de praktijk een lastig (civielrechtelijk) testamentair uitlegvraagstuk, dat op zich genomen slechts van academische aard zou moeten zijn. Erflater kan in zijn uiterste wilsbeschikking hierover immers expliciet een uitspraak doen. De notaris dient aan dit vraagstuk dan ook aandacht te besteden bij het voorbereiden van de uiterste wil van erflater. Men zou overigens bij de uitleg ook nog een rol kunnen laten spelen wat de adviseur gewoon was aan erflater tijdens leven in rekening te brengen, althans in zoverre er nog een koppeling te maken is naar de diensten die tijdens leven verricht werden, bijvoorbeeld met het uurloon dat de adviseur(executeur) in rekening bracht.
Aangezien er buiten de betreffende rechtsvraag in Vakstudienieuws bij mijn weten geen andere (specifieke) literatuur beschikbaar is over de executeurbeloning en de omzetbelasting, ook voor dit vraagstuk maar weer een kijkje naar het Duitse recht.