De fraudebestrijdende faillissementscurator
Einde inhoudsopgave
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/3.4.4.1:3.4.4.1 Begrip ‘kennelijk onbehoorlijk bestuur’ beslaat niet alleen gevallen van (voorwaardelijk) opzettelijke benadeling van schuldeisers
De fraudebestrijdende faillissementscurator (R&P nr. InsR23) 2024/3.4.4.1
3.4.4.1 Begrip ‘kennelijk onbehoorlijk bestuur’ beslaat niet alleen gevallen van (voorwaardelijk) opzettelijke benadeling van schuldeisers
Documentgegevens:
Mr. R.E. de Vries, datum 01-07-2024
- Datum
01-07-2024
- Auteur
Mr. R.E. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS979210:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bezien vanuit de figuur van het (voorwaardelijk) opzet dient te worden geconstateerd dat de in de WCB en WVPC en de toelichtingen daarop genoemde omstandigheden die volgens de wetgever de oplegging van een civielrechtelijk bestuursverbod dan wel een aangifte rechtvaardigen, niet alleen situaties van schuldeisersbenadeling door malafide bestuurders betreffen. Zo gaat het bij kennelijk onbehoorlijk bestuur, zoals reeds in het vorige hoofdstuk is uiteengezet, niet alleen om gevallen van (voorwaardelijk) opzettelijke benadeling van schuldeisers (frauduleus handelen). Voor de vaststelling van kennelijk onbehoorlijk bestuur is voldoende dat onverantwoordelijk is gehandeld met de – objectief te bepalen – wetenschap dat de schuldeisers zouden worden benadeeld. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.