Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/9.3.4:9.3.4 Veil piercing vs. equitable subordination
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/9.3.4
9.3.4 Veil piercing vs. equitable subordination
Documentgegevens:
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS410223:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoe de ‘niet transactie-gerichte’ leerstukken veil piercing en equitable subordination zich tot elkaar verhouden, is minder helder. Duidelijk is dat beide rechtsfiguren trachten te voorkomen dat aandeelhouders opportunistisch handelen jegens de crediteuren; voor de toepassing van beide leerstukken dient sprake te zijn van een zekere mate van onredelijk handelen van de aandeelhouder. De evidente kernvraag is wanneer het handelen van de aandeelhouder kwalificeert als zodanig inequitable, unjust of wrong dat doorbraak of achterstelling gerechtvaardigd is. Wellicht is de belangrijkste overeenkomst tussen de leerstukken dat op deze vraag geen eenduidig antwoord bestaat.
Zo merkt Clark treffend op: “The phrase ‘inequitable conduct’ [in the equitable subordination cases] is just as crucial, and just as vague and illuminiating, as the word ‘wrong’ in the veil-piercing cases.”1
Achterstelling heeft minder vergaande gevolgen voor de aandeelhouder dan een doorbraak van aansprakelijkheid. De aandeelhouder wordt niet aansprakelijk gehouden voor alle schulden van de vennootschap; hij riskeert slechts datgene te verliezen dat hij als krediet aan de vennootschap heeft verstrekt. Achterstelling kan in die zin worden aangemerkt als ‘piercing light’. Betekent dit dat voor achterstelling een minder extreme mate van inequitable gedrag vereist is dan voor doorbraak? Rechtspraak en literatuur zijn hierover allerminst eenduidig.
O’Neil en Thompson neigen naar een bevestigend antwoord op deze vraag, maar houden een slag om de arm: “In most bankruptcies no assets remain after outside creditors are paid; thus the effect of subordination usually is that a shareholder’s claim will not be paid. That result, however, is less drastic than piercing the corporate veil, which leaves the shareholders liable for all the corporation’s debts;the legal standard for subordination, therefore, may be somewhat different than the standard for piercing.”2 (Onderstr. JB)