Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.7.3:10.7.3 Voorstel II – Instellen BWI en stimuleren gezamenlijk APA/BWI-programma
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.7.3
10.7.3 Voorstel II – Instellen BWI en stimuleren gezamenlijk APA/BWI-programma
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258414:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
S. Kishore Bilaney, Suggested Approaches to Harmonization of Transfer Pricing and Customs Rules, ITPJ 24(4), p. 269.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals in de onderdelen 6.4.4, 6.4.5, 10.5.4.5 en 10.5.4.6 toegelicht kunnen inlichtingen de rechtszekerheid van partijen vergroten, in het bijzonder als het een BWI betreft, omdat aan inlichtingen die op verzoek door de douaneautoriteiten worden verstrekt ex artikel 14 DWU slechts in beperkte mate vertrouwen ontleend kan worden. Het DWU lijkt in artikel 35DWU de wettelijke basis te geven om een BWI aan te vragen, echter, heeft de Europese Commissie nog geen nadere gedelegeerde of uitvoeringshandelingen vastgesteld. Daarom lijken EU-lidstaten thans niet over te gaan tot afgifte van BWI’s. Gelet ook op de positieve reacties van de respondenten die participeerde in de publieke consultatie over de BWI die van 1 maart tot en met 8 juni 2018 werd gehouden, zou het tot aanbeveling strekken dat de Europese Commissie overgaat tot het vaststellen van nadere gedelegeerde of uitvoeringshandelingen om het aanvragen van een BWI (formeel) mogelijk te maken.
De BWI zou de marktdeelnemer idealiter inzicht moeten geven over de volgende vraagstukken:
Is de beschikbare verrekenprijsdocumentatie geschikt om aan te tonen dat de prijs niet door de verbondenheid van partijen is beïnvloed?
Moeten interne verrekenprijsaanpassingen in aanmerking worden genomen voor het definitief vaststellen van de douanewaarde? Zo ja, op welke moment en op welke wijze?
De BWI geeft de marktdeelnemer zekerheid over voornoemde zaken, maar het zou tot aanbeveling strekken dat het aanvragen van een BWI geen voorwaarden is voor het gebruik van verrekenprijsdocumentatie of het in aanmerking nemen van verrekenprijsaanpassingen. Hoewel een BWI de rechtspositie van de marktdeelnemer versterkt en het gebruik van arbitraire en fictieve waardes door voorafgaande afstemming voorkomt, brengt het ook de nodige administratie lasten en kosten met zich. Ter waarborging van de eenvoud van het waarderingssysteem en om ondernemingen die sporadisch importeren te faciliteren, zou de BWI dan ook optioneel moeten zijn.
Zoals in onderdeel 10.3.10 aan bod gekomen kan een belastingplichtige een APA sluiten met de belastingautoriteiten om zekerheid te krijgen over of de wijze waarop zijn interne verrekenprijzen tot stand zijn gekomen zakelijk zijn. In Zuid-Korea staat het ondernemingen vrij om gebruik te maken van het gezamenlijke APA/ACVA-programma (onderdeel 10.4.3.4). Het is een uitdaging om een ‘APA/BWI-programma’ op Unierechtelijk niveau op te tuigen. De autonomie om regelgeving vast te stellen op het gebied van interne verrekenprijzen komt immers toe aan de EU-lidstaten. Niettemin strekt het tot aanbeveling als de Europese Commissie lidstaten aanmoedigt om een APA/BWI-programma op te zetten, omdat het beantwoordt aan de gebruiken in de handelspraktijk en zorgt voor een rechtvaardiger en neutraler douanewaardestelsel (onderdeel 10.2.2). Voor een goed functionerend APA/BWI-programma is het naar mijn mening noodzakelijk dat een platform wordt opgericht waar een driehoeksoverleg plaatsvindt tussen de belastingplichtige en de douane- en belastingautoriteiten.1 De belasting- en douaneautoriteiten zullen in gezamenlijk overleg tot een besluit moeten komen over de prijsstelling van de intragroepstransactie. Indien zij daarin slagen zouden zij de belastingplichtige in een APA/BWI zekerheid moeten verschaffen over onder andere welke waarderingsmethode toegepast moet worden om een zakelijke prijs vast te stellen, de (prijs)marges die in aanmerking genomen moeten worden en of de prijs door de verbondenheid van partijen is beïnvloed. Ook zal inzicht gegeven moeten worden welke documentatie de belastingplichtige tot zijn beschikking moet hebben voor eventuele controle achteraf.