Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/12.1.3.2:12.1.3.2 De transactiewaarde als primaire en preferente waarderingsmethode
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/12.1.3.2
12.1.3.2 De transactiewaarde als primaire en preferente waarderingsmethode
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258316:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De douanewaarde wordt primair vastgesteld aan de hand van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen. Dit is de werkelijk betaalde of te betalen prijs voor de goederen die worden verkocht voor uitvoer naar het douanegebied van de Europese Unie. Indien geen verkoop plaatsvindt (onderdeel 7.4) of niet aan de voorwaarden voor toepassing van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen is voldaan (onderdeel 7.5), moet de douanewaarde overeenkomstig een alternatieve waarderingsmethode worden vastgesteld (hoofdstuk 8). Tussen de alternatieve waarderingsmethoden geldt een onderlinge subsidiariteitsband (onderdeel 6.2.2), wat inhoudt dat een opvolgende waarderingsmethode alleen toepassing vindt als de daaraan voorafgaande waarderingsmethode geen toepassing vindt. De rechten en verplichtingen van douaneautoriteiten dragen bij aan het streven om zoveel als mogelijk aansluiting te zoeken bij de transactiewaarde van de ingevoerde goederen (onderdeel 6.3). Zo kunnen de douaneautoriteiten bij twijfel of de aangegeven transactiewaarde wel overeenkomt met de werkelijk betaalde of te betalen prijs, de transactiewaarde enkel verwerpen als zij de aangever in de gelegenheid heeft gesteld om aanvullende informatie aan te leveren en de twijfel aansluitend blijft bestaan. Daarnaast kan de transactiewaarde nog steeds als waarderingsmethode toepassing vinden indien de waarde van de ingevoerde goederen op het moment van invoer niet bepaald kan worden indien gebruik wordt gemaakt van een vereenvoudigde aangifte of de forfaitaire waardevaststelling (artikel 73-vergunning, onderdeel 6.4.3). Ook kan door de aangever vooraf zekerheid worden gevraagd in de vorm van inlichtingen (onderdeel 6.4.4) en een BWI (onderdeel 6.4.5) over of de wijze waarop de aangever de transactiewaarde bepaalt in overeenstemming is met de douanewaardebepalingen. Dit verkleint het risico dat de transactiewaarde wordt afgewezen. Daarbij geldt op dit moment dat douaneautoriteiten het marktdeelnemers mijns inziens niet toestaat om een BWI aan te vragen, omdat de Europese Commissie geen gebruik heeft gemaakt van zijn gedelegeerde en uitvoeringbevoegdheden op dit punt (onderdeel 6.4.5).