Verbondenheid in het belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/11.3.2.0:Inleiding
Verbondenheid in het belastingrecht (FM nr. 128) 2008/11.3.2.0
Inleiding
Documentgegevens:
Dr. R.N.F. Zuidgeest, datum 20-11-2008
- Datum
20-11-2008
- Auteur
Dr. R.N.F. Zuidgeest
- JCDI
JCDI:ADS607827:1
- Vakgebied(en)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Erfbelasting
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Schenkbelasting
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op basis van art. 10 SW 1956 wordt het vermogen dat door de erflater is omgezet in genotsrechten, aangemerkt als een fictief legaat. Zonder een dergelijke maatregel zou successierecht kunnen worden ontgaan indien de erflater tijdens zijn leven vermogen zou overhevelen onder voorbehoud van bijvoorbeeld een recht van vruchtgebruik. Bij het overlijden zou de blote eigendom van het vermogen bij de erfgenamen onbelast kunnen aangroeien tot de volle eigendom. Hoewel in een dergelijke situatie geen sprake is van een erfrechtelijke verkrijging, wordt er op basis van de kwalificatie als fictief legaat toch successierecht geheven over de aangroei van de blote eigendom tot de volle eigendom. Dat geldt echter alleen indien de verkrijger nauw is verbonden met de erflater. In dit verband heeft het verbondenheidsbegrip dat hierbij wordt gehanteerd een vereenzelvigingsfunctie en met name een antiontgaansfunctie.