Einde inhoudsopgave
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/5.5.1
5.5.1 Implementatiewetgeving
mr. F.G. Laagland, datum 15-07-2013
- Datum
15-07-2013
- Auteur
mr. F.G. Laagland
- JCDI
JCDI:ADS387404:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zweites Gesetz zur Änderung des Umwandlungsgesetzes vom 24. April 2007, BGBl I, p. 542.
Het Umwandlungsgesetz vom 28. Oktober 1994, BGBl I, p. 428 regelt de wettelijke omzettingsmogelijkheden van vennootschappen, inhoudende de juridische (grensoverschrijdende) fusie, splitsing, bedrijfsfusie en vormveranderingen.
Wijzigingen zijn doorgevoerd in het Aktiengesetz, het Gesetzes betreffend die Gesellschaften mit beschränkter Haftung en de Handelsregistergebührenverordnung.
Gesetz zur Umsetzung der Regelungen über die Mitbestimmung der Arbeitnehmer bei einer Verschmelzung von Kapitalgesellschaften aus verschiedenen Mitgliedstaaten vom 28. Dezember 2006, BGBl I, p. 3332, das geändert worden ist durch Art. 11 des Gesetzes vom 30. Juli 2009, BGBl I, p. 2479.
BT-Drucksache 16/2922 (Begründung), p. 1.
BT-Drucksache 16/2919 (Entwurf eines Zweiten Gesetzes zur Änderung des Umwandlungsgesetzes), p. 21.
Nagel (2007), p. 57; Müller (2006), p. 286.
Duitsland heeft de vennootschappelijke en medezeggenschapsrechtelijke bepalingen uit de Tiende Richtlijn in twee afzonderlijke wetten geïmplementeerd. De vennootschappelijke bepalingen zijn geïmplementeerd in het Zweites Gesetz zur Änderung des Umwandlungsgesetzes.1 Deze wet is in werking getreden op 25 april 2007. De wet voegt aan het Umwandlungsgesetz (hierna: UmwG)2 een nieuw tiende hoofdstuk toe met als titel Grenzüberschreitende Verschmelzung von Kapitalgesellschaften. Het tiende hoofdstuk omvat de §§ 122a - 122l welke bepalingen specifiek betrekking hebben op de grensoverschrijdende juridische fusie. Tevens verklaart § 122a Abs. 2 een aantal hoofdstukken uit het Tweede Boek van het UmwG op de grensoverschrijdende fusie van overeenkomstige toepassing. Het gaat om het eerste hoofdstuk inzake algemene fusiebepalingen en een groot aantal paragrafen uit het tweede hoofdstuk dat betrekking heeft op de interne fusie van kapitaalvennootschappen. In het verlengde zijn in de genoemde hoofdstukken enkele tekstuele wijzigingen doorgevoerd om onduidelijkheden bij de toepassing te voorkomen. Tot slot wijzigt het Zweites Gesetz zur Änderung des Umwandlungsgesetzes drie aanverwante wetten op kleine punten.3
De medezeggenschapsbepaling van art. 16 Tiende Richtlijn is geïmplementeerd in het Gesetz zur Umsetzung der Regelungen über die Mitbestimmung der Arbeitnehmer bei einer Verschmelzung von Kapitalgesellschaften aus verschiedenen Mitgliedstaaten (MgVG).4 Het MgVG is in werking getreden op 26 december 2006. De implementatie is door het Ministerie van Sociale Zaken behandeld en niet door het Ministerie van Justitie dat over de vennootschappelijke aspecten van de Tiende Richtlijn ging. Anders dan het Zweites Gesetz zur Änderung des Umwandlungsgesetzes brengt het MgVG geen wijzigingen aan in een andere wet, maar gaat het om een op zichzelf staande nieuwe wet met vijf hoofdstukken en in totaal 35 paragrafen. De hoofdstukken omvatten de volgende onderwerpen: (i) algemene voorschriften, (ii) BOG, (iii) medezeggenschap, (iv) verhouding tot nationaal recht, (v) bescherming en strafrechtelijke en boetevoorschriften. De structuur vertoont grote gelijkenis met het SE-Beteiligungsgesetz (SEBG), de Duitse implementatie van de SE-Richtlijn. De Duitse wetgever heeft bewust niet naar het SEBG verwezen ten behoeve van de overzichtelijkheid van de bepalingen bij een grensoverschrijdende fusie.5 Het valt op dat de Nederlandse wetgever met exact dezelfde overweging wel tot een verwijzing is overgegaan (vgl. paragraaf 5.4.1).
Duitsland heeft met de twee wetten de Tiende Richtlijn ruim voor de fatale aflooptermijn van 27 december 2007 geïmplementeerd. Daaraan lagen economische belangen ten grondslag.6 Een belangrijke rol speelde het feit dat het arrest SEVIC van het Hof van Justitie onder bepaalde voorwaarden reeds een grensoverschrijdende fusie toeliet, terwijl het arrest niet duidelijk maakt hoe moet worden omgegaan met de medezeggenschap.7