Sturen met proceskosten
Einde inhoudsopgave
Sturen met proceskosten (BPP nr. XII) 2011/7.3.2.0:7.3.2.0 Introductie
Sturen met proceskosten (BPP nr. XII) 2011/7.3.2.0
7.3.2.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. P. Sluijter, datum 31-10-2011
- Datum
31-10-2011
- Auteur
mr. P. Sluijter
- JCDI
JCDI:ADS600212:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De Mot & De Geest 2004 bespreken in hoofdstuk 3 maar liefst 15 complicaties.
Endogeen wil zeggen dat de keuzes van partijen omtrent de procesuitgaven onderdeel zijn van het model. In een exogeen model zijn de uitgaven als extern bepaald ' gegeven' . Zie De Mot & De Geest 2004, p. 27.
De Mot & De Geest 2004, p. 7.
Op de eventuele (eigen)belangen van rechters wordt ingegaan in hoofdstuk 8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De verhouding tussen X, Y en Z wordt mede bepaald door de verdere vormgeving van de civiele procedure. Veel rechtseconomen hebben daarom een of meerdere complicaties aangebracht in de hierboven beschreven simpele basis, zoals de mogelijkheid van appel, verplichte informatie-uitwisseling (discovery) en griffierechten (filing costs).1Ook door aanpassingen aan en het laten vallen van assumpties kunnen modellen gecompliceerder worden. Zijn de uitgaven van partijen exogeen of endogeen bepaald?2 Verhogen hogere uitgaven van een partij de winstkansen van die partij?3 En de kans op een betere kwaliteit van de uitkomst? Zijn rechters neutraal of hebben zij ook belangen bij bepaalde beslissingen?4
De bespreking van complicaties en assumpties beperk ik tot gevallen die relevant zijn voor het effect van kostenconsequenties ten aanzien van verstorend procesgedrag. Dat geldt in ieder geval voor de theorieën over afschrikking van verstorend procesgedrag (§ 7.4) en over de kostenveroordeling ten aanzien van gelijk (§ 7.5). Op twee andere relevante complicaties wordt nu eerst ingegaan: de rol van de advocaat en de verplichte uitwisseling van informatie.