Einde inhoudsopgave
Cessie (O&R nr. 70) 2012/XII.4.2.1
XII.4.2.1 Inleiding
mr. M.H.E. Rongen, datum 01-10-2011
- Datum
01-10-2011
- Auteur
mr. M.H.E. Rongen
- JCDI
JCDI:ADS357639:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Voetnoten
Voetnoten
Zie nr. 1166.
Zie kritisch over het voorstel: Flessner & Verhagen 2006, p. 17 e.v. en p. 53 e.v.; Van der Weide 2006, p. 146 e.v. en De Visser 2007.
De conflictenregel is voor het Nederlandse ipr onder meer bepleit door: De Boer in zijn noot in NJ 1998, 585; Struycken 1998c, p. 357 e.v. en De Ly 1995, p. 335. Zie in dezelfde zin: Kieninger 1998, p. 702 e.v.
Besloten werd dat de Commissie uiterlijk op 17 juni 2010 verslag diende uit te brengen over het vraagstuk van de werking van de cessie jegens derden en de voorrang van de gecedeerde vordering boven een recht van een ander persoon. Het verslag gaat zo nodig vergezeld van een voorstel tot wijziging van de verordening (zie art. 27 lid 2 Rome I). De commissie heeft deze datum niet gehaald, maar laat een voorstudie verrichten door het British Institute of International and Comparative Law. Zie www.biicl.org.
1179. Het oude voorstel van art. 13 lid 3 ontwerptekst Rome I. Zoals vermeld,1 bevatte de ontwerpverordening Rome I, anders dan de uiteindelijke tekst van art. 14 Rome I, aanvankelijk wel een verwijzingsregel voor de goederenrechtelijke werking van de cessie jegens derden. Het voorstel was om de tegenwerpelijkheid van de cessie aan derden te onderwerpen aan het recht van het land waar de cedent op het moment van de cessie zijn gewone verblijfplaats heeft (art. 13 lid 3 ontwerptekst Rome I).2 Deze conflictenregel zou tot de grootst mogelijke rechtszekerheid leiden, aangezien het voor alle betrokken partijen, waaronder in het bijzonder de schuldeisers van de cedent, duidelijk is welk recht de cessie beheerst. Het toepasselijke recht is op voorhand voor eenieder kenbaar.3 Omdat over het voorstel uiteindelijk toch geen overeenstemming kon worden bereikt, is de verwijzingsregel uiteindelijk weer geschrapt.4
In deze paragraaf zal ik betogen dat een aanknoping van de goederenrechtelijke aspecten aan het cessiestatuut de voorkeur verdient. Aanknoping bij het recht van de gewone verblijfplaats van de cedent dient vanwege de grote daaraan verbonden bezwaren te worden verworpen.