Achtergestelde vorderingen (O&R)
Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/5.3.6:5.3.6 Conclusie
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/5.3.6
5.3.6 Conclusie
Documentgegevens:
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186588:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
193. De eigenlijke achterstelling betreft alleen de rang van het verhaalsrecht van de junior. Daarom zijn de gevolgen van een eigenlijke achterstelling beperkt. De rang van een verhaalsrecht speelt immers alleen een rol bij de verdeling van een executie-opbrengst.
Bovendien speelt de rang van het verhaalsrecht van de junior alleen tussen de junior en andere schuldeisers. Daarom kan een eigenlijke achterstelling ook tot stand komen tussen de schuldeisers onderling, of door een eenzijdige handeling van de junior.
Vanuit deze kwalificatie bezien is de totstandkoming van een eigenlijke achterstelling tussen de junior en de schuldenaar een bijzonder geval. Dan wijzigt de junior zijn verhouding tot de seniorschuldeisers door een overeenkomst aan te gaan met de schuldenaar. De expliciete wettelijke basis in artikel 3:277 lid 2 BW maakt dit mogelijk.
Een overeenkomst die alleen een eigenlijke achterstelling inhoudt schept geen verbintenissen. Het is een overeenkomst die enkel het verhaalsrecht van de junior wijzigt. Daarom behoeft die overeenkomst geen verdere uitvoering.
De derdenwerking van de eigenlijke achterstelling volgt uit de mogelijkheid die de senior heeft om een beroep te doen op de eigenschappen die het verhaalsrecht van de junior heeft, ook als de senior zelf niet betrokken was bij de totstandkoming daarvan. Een eigenlijke achterstelling voegt aan het juniorverhaalsrecht een eigenschap toe. De senioren kunnen daarop een beroep doen door simpelweg erop te wijzen dat het verhaalsrecht van de junior alleen in de achtergestelde vorm bestaat. De relativiteit van overeenkomsten staat daaraan niet in de weg.