Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/5.3.4
5.3.4 Vrijstelling en ontheffing
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS366315:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie notes on dispensation from Rule 9 in de City Code.
Zie Rule 9.1 City Code.
Zie Rule 9.7 en de Notes on dispensations from Rule 9. In Panel Statement 1975/26 van 2 december 1975 (Whiteley) verleende het Panel ontheffing onder de voorwaarde dat het belang binnen een half jaar zou worden teruggebracht tot 25% en dat in deze periode maximaal 25% van het stemrecht werd uitgeoefend. Vgl. ook Practice Statement 2009/26, nr. 4.3 waar het Panel de mogelijkheid noemt het 30%-belang “within a limited period” af te bouwen.
Zie Panel Statement 1980/5 van 11 juni 1980 (St. Piran), nr. 9. In casu leidde een en ander overigens niet tot een oplossing aangezien partijen inzake alle verplichtingen in gebreke bleven. Zie over deze affaire Byttebier 1993, p. 526. Vgl. Panel Statement 1980/1 van 14 maart 1980 (Gilgate).
Zie Panel Statement 2012/9 van 19 december 2012 (BUMI). Het Panel nam hierbij in overweging dat de controle was verworven als gevolg van een emissie door de vennootschap, zie Panel Statement 2013/1 van 19 februari 2013, nr. 14. Zie voor meer achtergronden in deze high-profile zaak Barker/Chiu 2014, p. 7.
In de hiervoor reeds genoemde BUMI-zaak werd – hangende het bedoelde bevel – het stemrecht opgeschort tot 29.9% van het totaal aantal uit te oefenen stemrechten. Vergeefs werd beroep aangetekend tegen het oordeel van het Panel dat voor de berekening daarvan meetellen de “opgeschorte” stemrechten, zie Panel Statement 2013/1 van 19 februari 2013 (BUMI). In de recentere zaak Opportunity Investment Management schortte het Panel het stemrecht op tot 30,13% van het geplaatste kapitaal, zie Panel Statement 2014/3 van 5 maart 2014 (OIM). Zie over die zaak eerder § 5.3.2.1.
Naar aanleiding van de in de vorige voetnoot genoemde zaken is een gewijzigde definitie van “voting rights” opgenomen om duidelijk temaken in hoeverre geschorste stemmen meetellen voor de toepassing van bepaalde regels uit de City Code, zie Panel Consultation Paper 2015/2 van 14 juli 2015 en Panel Response Statement 2015/2 van 23 oktober 2015.
De City Code voorziet in een aantal gevallen in dispensatie van de biedplicht, waaronder de zogenaamde whitewash-procedure. Krachtens deze procedure kan het verplicht bod bij de uitgifte van aandelen terzijde worden geschoven door de onafhankelijke aandeelhouders.1 Een ander voorbeeld is de vrijstelling voor verkrijging van de controle als gevolg van een vrijwillig openbaar bod op alle effecten waaraan stemrecht is verbonden.2
Het Panel kan daarnaast in bepaalde gevallen – al dan niet onder bepaalde voorwaarden3 – ontheffing verlenen van de biedplicht. In het verleden heeft het deze mogelijkheid ook gebruikt in situaties waarin de biedplicht niet kon worden nageleefd, bijvoorbeeld wegens onvoldoende financiering.4
Het Takeover Panel kan ook besluiten geen biedplicht op te leggen, ook al is voldaan aan de voorwaarden daarvoor.5 In die gevallen zal het Panel doorgaans een bevel tot afbouw van het belang geven en de uitoefening van het stemrecht (gedeeltelijk) opschorten op de voet van Rule 9.7.6 ,7