Voor risico van de ondernemer
Einde inhoudsopgave
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/2.4.1:2.4.1 Inleiding
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/2.4.1
2.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS713126:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Slagter 1952, p. 339; Hartlief 1997.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het vertrekpunt van het buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht is dat ieder zijn eigen schade draagt.1 Afwenteling van schade geschiedt slechts indien daarvoor een goede grond bestaat. Dikwijls denkt men bij ‘goede grond’ aan een positiefrechtelijke grondslag; schade kan pas worden afgewenteld indien de wet daartoe de mogelijkheid biedt. In deze paragraaf vat ik ‘grond’ in bredere zin op: afwenteling van schade vindt slechts plaats indien een rechtvaardigheidsgrond voor aansprakelijkheid bestaat. In de vorige paragraaf zijn kort twee rechtvaardigheidsgronden besproken: het schuldbeginsel en het risicobeginsel. Deze beginselen vormen uitwerkingen van correctieve respectievelijk distributieve rechtvaardigheid. Deze paragraaf zet uiteen hoe beide beginselen – en daarmee beide vormen van rechtvaardigheid – ten grondslag liggen aan het Nederlandse buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht.