Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/7.5.1:7.5.1 Onderkapitalisatie bij oprichting
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/7.5.1
7.5.1 Onderkapitalisatie bij oprichting
Documentgegevens:
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS406905:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld Keams v. Tempe Technical Inst., Inc., 993 F. Supp. 714 (D. Ariz. 1997), p. 724: “The capitalization of a corporation is evaluated at the time that it is established.” Zie ook Pierson v. Jones, 625 P2d 1085 (Idaho 1981), p. 1087.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De communis opinio onder de Amerikaanse rechters is dat de beoordeling van de financiering van de vennootschap zich primair dient te richten op het moment van haar oprichting.1 Indien de aandeelhouders bij oprichting de vennootschap van een adequaat vermogen hebben voorzien, kan aan hen in beginsel niet worden tegengeworpen dat de vennootschap op een later moment tijdens haar bestaan niet langer over een adequaat vermogen beschikt. Rechters hebben overwogen dat een ontoereikende financiering het gevolg kan zijn van een veelheid van factoren. Het uitgangspunt van beperkte aansprakelijkheid heeft juist ten doel de aandeelhouders tegen de gevolgen daarvan te beschermen en daarom zou een vaststelling van onderkapitalisatie op een ander moment dan oprichting in beginsel geen rol mogen spelen bij een eventuele doorbraak.