Einde inhoudsopgave
De Europese Executoriale Titel (BPP nr. III) 2005/2.5.1
2.5.1 Achtergronden: 'Brussel Ir-Verordening
Mr. M. Zilinsky, datum 02-03-2005
- Datum
02-03-2005
- Auteur
Mr. M. Zilinsky
- JCDI
JCDI:ADS374607:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Verordening (EG) nr. 1347/2000 betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid voor gemeenschappelijke kinderen, Pb EG L 160 van 30 juni 2000, p. 19.
Behalve op het terrein van alimentatie, dat onder het toepassingsgebied van de EEX-Verordening valt. Zie paragraaf 3.2.
Verdrag betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken (Trb. 1999, 14).
Voorstel voor een verordening (EG) van de Raad betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid voor gemeenschappelijke kinderen, 4 mei 1999, COM (1999) 220 def.
Het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie (COM (1999) 220 def.) bevat een summier artikelsgewijs commentaar. Aan dit commentaar kan echter geen waarde worden toegekend. Zie M. Freudenthal, FJ.A. van der Velden, 'Europese rechtsmaatregelen en hun uitlegging door de nationale rechter', NIER 2003, p. 117-126 (i.h.b. p. 125).
Pb EG C 221 van 16 juli 1998, p. 27.
Verordening (EG) nr. 2201/2003 van de Raad van 27 november 2003 betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1347/2000, Pb EU L 338 van 23 december 2003, p. 1 (hierna: 'Brussel Ilbis'-Verordening). Deze verordening is ingevolge art. 72 VoBlIbis op 1 augustus 2004 in werking getreden, maar wordt eerst per 1 maart 2005 van toepassing.
Voor de totstandbrenging van de 'ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid' is niet slechts een bevoegdheids- en executieregeling op het terrein van het vermogensrecht noodzakelijk maar tevens een bevoegdheids- en executieregeling op het terrein van het personen- en familierecht. Eveneens is een regeling op dit terrein van belang voor het uitwerken van het beginsel van vrij verkeer van werknemers. Teneinde dit te bewerkstelligen is door de Raad de 'Brussel II'-Verordening vastgesteld.1 Deze verordening geeft een regeling van de rechterlijke bevoegdheid inzake echtscheiding, scheiding van tafel en bed of nietigverklaring van het huwelijk en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid voor gemeenschappelijke kinderen. De verordening regelt ook de erkenning en de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen betreffende echtscheiding, scheiding van tafel en bed of nietigverklaring van het huwelijk, alsmede in dat kader van beslissingen omtrent ouderlijke verantwoordelijkheid.
De 'Brussel II'-Verordening is een aanvulling op de EEX-Verordening, die de onderwerpen van het personen- en familierecht van haar toepassingsgebied uitsluit.2
De tekst van de 'Brussel II'-Verordening is gebaseerd op de tekst van het 'Brussel II'-Verdrag.3 Dit verdrag is tussen de lidstaten van de Europese Unie gesloten, maar nooit in werking getreden. Door de inwerkingtreding van het Verdrag van Amsterdam heeft de Europese Commissie gebruikgemaakt van de aan haar toegekende bevoegdheid om op basis van art. 65 EG een voorstel in te dienen.4 Bij de 'Brussel II'- Verordening bestaat geen toelichtend rapport, evenmin als bij de EEX-Verordening, hetgeen samenhangt met de aard van de regeling en het karakter van het Europese recht.5 Bij het 'Brussel II'-Verdrag bestaat wel een toelichtend rapport van de hand van prof. Borrás.6 Nu de uiteindelijke tekst van de verordening geringe afwijkingen van het verdrag vertoont, wordt in de literatuur verdedigd dat bij de uitleg van de bepalingen van de verordening inspiratie in het Rapport-Borrás gezocht kan worden. Dit rapport zal echter door het HvJ EG bij de uitleg van de bepalingen van de 'Brussel II'-Verordening niet toegepast worden.7
De 'Brussel II'-Verordening is inmiddels door de 'Brussel Ilbis'-Verordening8 vervangen. Deze verordening bevat een aantal wijzigingen ten opzichte van de 'Brussel II'-Verordening, zoals de uitbreiding van het toepassingsgebied en een regeling betreffende de ontvoering van kinderen en de afschaffing van de exequaturverlening voor de beslissingen inzake het omgangsrecht en inzake de terugkeer van het kind.