Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes
Einde inhoudsopgave
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/9.2:9.2 Toegankelijkheid van de stemmingen
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/9.2
9.2 Toegankelijkheid van de stemmingen
Documentgegevens:
mr. L.S.A. Trapman, datum 19-02-2024
- Datum
19-02-2024
- Auteur
mr. L.S.A. Trapman
- JCDI
JCDI:ADS947787:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Commissie-Korthals Altes 2007, p. 21.
CDL-AD(2002)23 van de Venice Commission (30 oktober 2002), Code of Good Practice in Electoral Matters, p. 8.
Art. J 4 Kw jo. art. J 1 Kiesbesluit. Ook is (anno 2024) een online overzicht beschikbaar op www.waarismijnstemlokaal.nl.
EHRM 26 oktober 2021, ECLI:CE:ECHR:2021:1026JUD003459119 (Toplak and Mrak/Slovenia), par. 119.
EHRM 15 maart 2012, ECLI:CE:ECHR:2012:0315JUD004220207 (Sitaropoulos and Giakoumopoulos/Greece), par. 80.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Kiesgerechtigdheid is slechts dan iets waard als kiezers ook in staat zijn om hun stem uit te brengen. Kiesgerechtigden moeten in de gelegenheid gesteld worden om daadwerkelijk aan de verkiezingen deel te nemen.1 Dit betekent allereerst dat de overheid de taak heeft om voor voldoende stembureaus te zorgen.2 Wettelijke normen voor het aantal stembureaus per gemeente of de spreiding daarvan ontbreken. Dit is ter beoordeling aan de gemeenten gelaten. Wel is geregeld dat de kiezer uiterlijk vier dagen voor de dag van de stemming moet beschikken over een overzicht van de hem ter beschikking staande stemlokalen. Voor de mededeling daarvan aan de kiezer is de burgemeester verantwoordelijk.3 Tot slot verdient het vermelding dat het sinds 2010 mogelijk is voor kiezers om in ieder stembureau binnen de eigen gemeente te stemmen. Daarmee is een sterkere waarborg voor de toegankelijkheid van het verkiezingsproces gecreëerd dan voorheen, toen kiezers in beginsel bij één specifiek stembureau terecht konden.
Het uitgangspunt van toegankelijkheid speelt ook een rol bij het creeren van voorzieningen voor kiezers met een lichamelijke beperking, voor wie de stembureaus ook toegankelijk moeten zijn.4 Op dit punt hangt het uitgangspunt van toegankelijkheid samen met het discriminatieverbod, waarbij het wel opmerking verdient dat het EHRM lidstaten op dit punt een ruime margin of appreciation geeft. De nationale overheid is het beste in staat om de behoeften van kiezers met een lichamelijke beperking te beoordelen, waarbij ook nog wordt meegewogen dat de middelen van de lidstaten beperkt zijn.5
Ook komen hier alternatieve stemvormen – de volmachtstem, de briefstem – in beeld. Deze stemvormen kunnen ervoor zorgen dat kiezers die geen toegang hebben tot het stembureau, niettemin toegang hebben tot de stemming. Uit artikel 3 Protocol 1 EVRM volgt echter geen verplichting tot de introductie van deze alternatieve stemvormen: ook hier genieten de verdragspartijen een aanzienlijke beoordelingsvrijheid. Zo oordeelde het EHRM dat uit de toekenning van het kiesrecht aan niet-ingezetenen geen verplichting volgt om te waarborgen dat zij hun kiesrecht vanuit het buitenland kunnen uitoefenen. Wanneer zij willen stemmen, kunnen zij terugreizen naar hun thuisland, een horde die niet hoog genoeg is om van een disproportionele beperking van het kiesrecht te kunnen spreken.6