Einde inhoudsopgave
De procesovereenkomst (BPP nr. XIII) 2012/10.7
10.7 Overgang van procesovereenkomsten
M.W. Knigge, datum 24-10-2012
- Datum
24-10-2012
- Auteur
M.W. Knigge
- JCDI
JCDI:ADS391869:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie m.b.t. de bewijsovereenkomst HR 31 maart 1933, NJ 1933, p. 1333, m.nt. PS, p. 1336. Zie m.b.t. de forumkeuze Kuypers 2008, p. 314, 315-317. Zie m.b.t. de arbitrage Meijer 2011, p. 551.
Wibier 2009, p. 20. Zie m.b.t. de arbitrage Meijer 2011, p. 620-621; Snijders 1995, p. 19.
Meijer 2011, p. 621; Snijders 1995, p. 19.
HvJ EG 19 juni 1984, NJ 1984, 735, m.nt. JCS (Tilly Russ/Nova), r.o. 24-26; HvJ EG 16 maart 1999, NJ 2001,116, m.nt. PV (Castelletti/Trumpy), r.o.41; HvJ EG 9 november 2000, NJ 2001, 599, m.nt. PV (Coreck/Handelsveem), r.o. 23-25.
Zie uitgebreid over de overgang van de overeenkomst tot arbitrage Meijer 2011, p. 615 e.v. Zie m.b.t. de overeenkomst tot forumkeuze Kuypers 2008, p. 313 e.v.
Voor procesovereenkomsten geldt dat zij, net als andere overeenkomsten, in principe slechts van toepassing zijn tussen partijen.1 Het is de vraag of zij ook over kunnen gaan op een derde. Gelden de bepalingen van titel 2 van boek 6 BW (Overgang van vorderingen en schulden en afstand van vorderingen) voor procesovereenkomsten?
Een procesovereenkomst kan niet zelfstandig overgaan op een derde. Er is immers sprake van een hulpovereenkomst, zodat zij niet 'los' kan bestaan (zie paragraaf 3.3.2). Indien de procesovereenkomst ziet op (de rechtsvordering tot handhaving van) een bepaalde vordering, kan zij wel samen met deze vordering overgaan. Zij kan dan als nevenrecht bij deze vordering worden beschouwd, zodat in geval van bijvoorbeeld cessie van de vordering de nieuwe schuldeiser zich op grond van artikel 6:142 BW tegenover de schuldenaar op de procesovereenkomst kan beroepen.2 Daarnaast geldt dat in geval van cessie de nieuwe schuldeiser het beding ook op grond van artikel 6:145 BW als verweermiddel tegengeworpen kan krijgen.
Titel 2 van boek 6 BW is in een dergelijk geval rechtstreeks van toepassing. Aan de orde is immers de overgang van een (vermogensrechtelijke) vordering. Dat de procesovereenkomst die op deze vordering betrekking heeft door het procesrecht wordt beheerst, doet hier niet aan af. Nevenrechten hoeven namelijk niet vermogensrechtelijk van aard te zijn.3 Hetzelfde kan worden aangenomen voor de 'verweermiddelen' van artikel 6:145 BW. Procesovereenkomsten worden in dit verband dus op dezelfde wijze behandeld als andere rechten en verplichtingen.
Een en ander geldt ook voor de forumkeuze die beheerst wordt door de EEX-verordening, zo volgt uit een aantal uitspraken van het Hof van Justitie met betrekking tot een forumkeuzebeding in een cognossement. Het Hof oordeelde dat, wanneer in de betrekkingen tussen de afzender en de vervoerder een bevoegd-heidsbeding in een cognossement een geldig beding is in de zin van de EEX, daarop een beroep kan worden gedaan tegen de derdecognossementshouder die de afzender in diens rechten en verplichtingen is opgevolgd. De vraag of de derde een van de oorspronkelijke partijen in haar rechten en verplichtingen is opgevolgd, moet beantwoord worden aan de hand van het toepasselijke nationale recht.4 Ook een forum-keuzebeding onder de EEX wordt kortom op gelijke wijze behandeld als andere rechten en verplichtingen.
Geconcludeerd kan worden dat procesovereenkomsten inderdaad kunnen overgaan op een derde. Indien zij bijvoorbeeld gekoppeld zijn aan een (rechtsvordering tot handhaving van een) bepaalde vordering, gaan zij bij cessie van deze vordering op de nieuwe schuldeiser over. Titel 2 van boek 6 BW is in een dergelijk geval rechtstreeks van toepassing.5