Einde inhoudsopgave
Toegang tot het recht bij massaschade (R&P nr. 150) 2007/2.4.2
2.4.2 Voorbeelden
mr. I.N. Tzankova, datum 30-03-2007
- Datum
30-03-2007
- Auteur
mr. I.N. Tzankova
- JCDI
JCDI:ADS594948:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie onder meer Ten Kate 1983, Funke 1983, Dubbink 1982, congresbundel Jonge Balie 1984, Van Schellen 1988.
Barendrecht & Van Beukering-Rosmuller 2000.
Barendrecht e.a. 2004, p. 38-55, 132-41, Tzankova & Weterings 2003.
Hammerstein 1996, p. 413-6.
Een nieuwe balans 2003, p. 63-91, 265-7, waarin tevens ontwikkelingen op dit punt in een aantal andere Europese landen worden gesignaleerd, Van Willigenburg & Tzankova 2005, p. 27-8. Hierop is aanvankelijk veel kritiek geuit. Inmiddels zijn vanuit de rechterlijke macht verschillende initiatieven ontplooid om de actieve rechter wat meer 'handen en voeten' te geven. Zie ook Uitgebalanceerd 2006, p. 77, 84.
Barendrecht & Klijn 2004.
Tzankova 2001, Tzankova & Weterings 2003, Een nieuwe balans 2003, p. 93-127, Falkena & Haak 2004, Krans 2005, p. 3 noot 13 en p. 8, De Groot 2005, Van Harinxma 2006.
Voor een beknopte bespreking van deze ontwikkelingen zie Een nieuwe balans 2003, p. 47-60, Uitgebalanceerd 2006, p. 33-44.
RMO-rapport 2004, p. 34-5, Barendrecht & Kamminga 2005, 85-6.
Ook in de Nederlandse (civiel)procesrechtelijke rechtspraak en literatuur wordt al vanaf het begin van de jaren tachtig een deformaliseringstendens gesignaleerd.1 Deze komt op verschillende manieren tot uitdrukking, maar in essentie komt het neer op een soepeler omgang met formele nietigheden en redelijk ruime mogelijkheden voor het herstel daarvan, zodat de rechter aan een materieelrechtelijke beoordeling van een geschil kan toekomen, zonder gehinderd te worden door formele argumenten. In de literatuur wordt gepleit voor een minder conflictueuze vormgeving van het recht2 en bestaat aandacht voor de — kostenverlagende — voordelen van procedurele en materiële normering die tot vereenvoudiging van het recht leiden.3
Een groter rechterlijk activisme wordt eveneens in de sleutel van deformalisering geplaatst.4 Met de verschijning van het Interimrapport fundamentele herbezinning burgerlijk procesrecht5 wordt in de literatuur en de daardoor geïnspireerde discussie de aandacht gevestigd op de taakopvatting van de rechter en op de (on)mogelijkheden van case management. In de literatuur wordt voorts gepleit voor toepassing van concepten uit de organisatiewetenschappen bij de herbezinning op het civiele procesrecht.6 De gedachte dat de stroomlijning van het proces al veel eerder zou moeten beginnen om haar 'heilzame uitwerking' in het proces te merken, met name in complexe kwesties, wint geleidelijk aan ook in Nederland steeds meer aan populariteit.7
Hetzelfde kan worden gezegd over de ADR-beweging die niet alleen op nationaal, maar ook op Europees bestuurlijk niveau gestimuleerd wordt.8 De klemtoon komt te liggen op zelfredzaamheid en de verbetering van de onderhandelingsomgeving waardoor rechtzoekenden beter in staat zijn om zelf hun problemen op te lossen.9