Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1085
Feitelijke aanranding van eerbaarheid door het meermalen betasten van borst van medewerkster van supermarkt, art. 246 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten. Kon hof oordelen dat verdachte met zijn handelingen de aangeefster heeft gedwongen ontuchtige handelingen te dulden? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft zijn feitelijke oordeel dat op momenten dat verdachte de borst van aangeefster heeft aangeraakt sprake was van ‘momenten van relatieve rust’, kunnen afleiden uit de voor bewijs gebruikte verklaring van aangeefster. Voorts heeft hof zijn feitelijke oordeel dat sprake was van doelbewuste betasting en niet van een door fysiek tumult per abuis ontstane aanraking, eveneens kunnen afleiden uit die verklaring, die wordt ondersteund door de voor bewijs gebruikte p-v’s van bevindingen. Daarnaast heeft hof overwogen dat aangeefster door onverhoeds karakter van handelingen van verdachte werd gedwongen ontuchtige handelingen te dulden. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en voldoende gemotiveerd gelet op betekenis van ‘dwingen’ a.b.i. art. 246 (oud) Sr en hetgeen door steller van middel is aangevoerd. Bovendien vormt eventuele omstandigheid dat seksuele context ontbreekt (of bijvoorbeeld dat verdachte de handeling zelf niet als seksueel beschouwt of deze niet vanuit seksueel motief verricht) geen obstakel voor vaststelling dat sprake was van ‘het opzettelijk, in strijd met sociaal-ethische norm, ontuchtig aanraken van aangeefster’. Ook in dat opzicht is ’s hofs oordeel dat verdachte met zijn handelingen de aangeefster heeft gedwongen ontuchtige handelingen te dulden, niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping.
HR 30-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1430
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 september 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, T.B. Trotman
- Zaaknummer
23/02264
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1430, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:838, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 09‑09‑2025
Essentie
Feitelijke aanranding van eerbaarheid door het meermalen betasten van borst van medewerkster van supermarkt, art. 246 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten. Kon hof oordelen dat verdachte met zijn handelingen de aangeefster heeft gedwongen ontuchtige handelingen te dulden? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft zijn feitelijke oordeel dat op momenten dat verdachte de borst van aangeefster heeft aangeraakt sprake was van ‘momenten van relatieve rust’, kunnen afleiden uit de voor bewijs gebruikte verklaring van aangeefster. Voorts heeft hof zijn feitelijke oordeel dat sprake was van doelbewuste betasting en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.