Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging
Einde inhoudsopgave
Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging 2010/III.2:III.2 De doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging
Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging 2010/III.2
III.2 De doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging
Documentgegevens:
mr. D.W.M. Wenders, datum 27-09-2010
- Datum
27-09-2010
- Auteur
mr. D.W.M. Wenders
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Differentiatie in de mate van doorwerking per beginsel
In deze paragraaf staan de uitkomsten van het onderzoek inzake de mate van toepasselijkheid van de beginselen van behoorlijke rechtspleging centraal. Van de vijf afzonderlijke beginselen van behoorlijke rechtspleging die zijn onderzocht (het beginsel van hoor en wederhoor, het onpartijdigheidsbeginsel, het openbaarheidsbeginsel, het motiveringsbeginsel en het beginsel van de redelijke termijn), is na onderzoek van de wet, de parlementaire geschiedenis, de literatuur en de jurisprudentie de mate van invloed op de bezwaarschriftprocedure en het administratief beroep vastgesteld. Die mate van doorwerking verschilt, zoals ook verwacht werd bij aanvang van het onderzoek, per beginsel. Opmerkelijk is dat, zoals blijkt uit de tussenconclusies in hoofdstuk 5 van Deel II ten aanzien van de verschillende beginselen, de mate van doorwerking voor géén van de onderscheiden beginselen in zijn geheel exact hetzelfde lijkt te zijn. Daar komt nog bij dat er verschillen in betekenis van verschillende aspecten van één en hetzelfde beginsel van behoorlijke rechtspleging zijn geconstateerd.
De verschillende vormen van doorwerking die gevonden zijn, worden hieronder uitgewerkt in verschillende hoofdcategorieën. Daarbij gaat het om categorieën waarin de mate van doorwerking op hoofdlijnen aan de hand van enkele ijkpunten kan worden uitgedrukt. Zoals in het onderstaande nog nader uiteen zal worden gezet, zijn er tussen de beginselen of deelaspecten die binnen een categorie van doorwerking vallen, ook verschillen te constateren.
De verschillende gradaties van invloed van de beginselen van behoorlijke rechtspleging op de inrichting van de bestuurlijke voorprocedures variëren van rechtstreekse toepasselijkheid tot geen invloed op de voor de bestuurlijke voorprocedures geldende eisen. De omvang van die verschillende vormen van doorwerking van de afzonderlijke beginselen kan worden gezien als een glijdende schaal. Die schaal begint met de meest vergaande vorm van doorwerking van een beginsel of aspect van een beginsel en loopt af naar de minst vergaande vorm van doorwerking van een beginsel of aspect daarvan. Op die schaal van doorwerking wordt ingegaan in paragraaf 2.1. In paragraaf 2.2 komt vervolgens een aantal factoren aan bod waarvan werd verondersteld en/of waarvan is gebleken dat zij van belang zijn voor de mate waarin de afzonderlijke beginselen doorwerken in de bestuurlijke voorprocedures. Tot slot komt in paragraaf 2.3 nog één aspect van de doorwerking, de gevolgen die verbonden worden aan schendingen van de beginselen van behoorlijke rechtspleging, afzonderlijk aan de orde.
III.2.1 De verschillende vormen van doorwerkingIII.2.2 Factoren die de mate van doorwerking kunnen beïnvloedenIII.2.3 De gevolgen van schendingen van de beginselen van behoorlijke rechtspleging