Foutenleer
Einde inhoudsopgave
Foutenleer (FM nr. 95) 2000/7.1:7.1 Inleiding
Foutenleer (FM nr. 95) 2000/7.1
7.1 Inleiding
Documentgegevens:
dr. A.O. Lubbers, datum 01-07-2000
- Datum
01-07-2000
- Auteur
dr. A.O. Lubbers
- JCDI
JCDI:ADS415722:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het eindvermogen van het laatstvastgestelde jaar kan op een onjuist bedrag zijn vastgesteld als gevolg van de onjuiste etikettering van vermogensbestanddelen of door een onjuiste beginwaardering van de tot het ondernemingsvermogen gerekende vermogensbestanddelen. Naast deze – in hoofdstuk 6 behandelde – totaalwinstfouten kunnen ook jaarwinstfouten leiden tot een onjuiste vaststelling van het hiervóór genoemde eindvermogen. In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan gevallen, waarin het eindvermogen van het laatstvastgestelde jaar in het kader van de berekening van de jaarwinst onjuist is vastgesteld als gevolg van de omstandigheid dat in de eindbalans van dat jaar:
een activum of passivum tegen een te hoog of een te laag bedrag is opgenomen;
een bedrag ten onrechte is geactiveerd of gepassiveerd;
activering of passivering van een bedrag ten onrechte achterwege is gebleven.
In paragraaf 7.2 worden deze jaarwinstfouten voorzien van een voorbeeld uit de jurisprudentie.