Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/6.2.3.1:6.2.3.1 Beëindiging wegens dringende reden werkgever
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/6.2.3.1
6.2.3.1 Beëindiging wegens dringende reden werkgever
Documentgegevens:
M.A.C. Keijzer, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
M.A.C. Keijzer
- JCDI
JCDI:ADS943455:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De beëindiging wegens dringende reden is beter bekend als het ontslag op staande voet. Om de arbeidsovereenkomst op deze manier te beëindigen moet sprake zijn van zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, ten gevolge waarvan van de werkgever redelijkerwijs niet meer kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. In art. 7:678 BW zijn enkele mogelijke dringende redenen opgesomd, zoals misleiding bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst, diefstal door de werknemer of grovelijke veronachtzaming van de plichten als werknemer. De opsomming is niet limitatief. Om op grond van een dringende reden op te kunnen zeggen, moet de werkgever onverwijld opzeggen onder onverwijlde mededeling van de dringende reden aan de werknemer. Dat houdt in dat de werkgever direct moet opzeggen zodra de dringende reden zich heeft voorgedaan en daarbij moet hij bovendien de dringende reden direct aan de werknemer mededelen. De beëindiging van de arbeidsovereenkomst treedt direct na opzegging in en dus ook de gevolgen van de beëindiging voor de werknemer. Om de werknemer te beschermen tegen willekeurige onverwijlde beëindiging gelden dus drie waarborgen: er moet sprake zijn van een dringende reden, de opzegging moet onverwijld hebben plaatsgevonden en bij opzegging moet de reden onverwijld zijn medegedeeld.