Misleidende beursberichten
Einde inhoudsopgave
Misleidende beursberichten (IVOR nr. 124) 2022/7.3.1:7.3.1 Inleiding
Misleidende beursberichten (IVOR nr. 124) 2022/7.3.1
7.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. A.C.W. Pijls, datum 01-07-2022
- Datum
01-07-2022
- Auteur
mr. drs. A.C.W. Pijls
- JCDI
JCDI:ADS655837:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De volgende aanname die wordt losgelaten, is de aanname dat de misleiding door middel van één enkele corrigerende mededeling bekend wordt. In plaats daarvan wordt in deze paragraaf uitgegaan van de situatie waarin de misleiding door verschillende opeenvolgende corrigerende mededelingen – al dan niet afkomstig van de vennootschap – stapsgewijs naar buiten komt. De corrigerende mededelingen zijn met andere woorden zogenoemde ‘partiële’ corrigerende mededelingen.1 Gedacht kan bijvoorbeeld worden aan de situatie waarin de vennootschap via een persbericht aankondigt dat in het verleden gepubliceerde jaarrekeningen moeten worden herzien, maar waarin vooralsnog niet wordt vermeld in welke mate de jaarrekeningen moeten worden herzien. De omvang van de misleiding blijft dus vooralsnog onzeker. Ook zo’n partiële corrigerende mededeling zal naar alle waarschijnlijkheid een (statistisch significante) residuele koersdaling tot gevolg hebben. Deze residuele koersdaling zal de verwachting van de markt weerspiegelen over de omvang van de misleiding. Verwacht de markt dat eerdere jaarrekeningen in aanzienlijke mate zullen moeten worden herzien, dan zal de geobserveerde koersdaling (relatief) groot zijn. Verwacht de markt daarentegen dat het slechts om kleine restatements gaat, dan zal de geobserveerde koersdaling (relatief) klein zijn. Aangezien de definitieve omvang van de misleiding vooralsnog onbekend is, zal het hier slechts om een eerste koersreactie gaan. Zodra door nieuwe corrigerende mededelingen meer over de (omvang van de) misleiding bekend wordt, zullen additionele koersreacties volgen. Twee scenario’s kunnen in dit verband worden onderscheiden. In de eerste plaats kan uit latere (corrigerende) mededelingen blijken dat de omvang van de misleiding groter is dan aanvankelijk (naar aanleiding van eerste corrigerende mededeling) werd verwacht. In dat geval zal de koers in reactie op de nieuwe corrigerende mededelingen verder dalen. In de tweede plaats kan uit latere mededelingen echter ook blijken dat de misleiding kleiner is dan aanvankelijk werd gedacht.2 In dat geval zal de koers in reactie op de nieuwe corrigerende mededelingen stijgen. Beide scenario’s worden in figuur 3 respectievelijk 4 grafisch weergegeven.
Figuur 3
Figuur 4
In beide scenario’s is de vraag op welke wijze de koersschade van de door de misleiding benadeelde beleggers moet worden vastgesteld, en in welke mate deze voor vergoeding in aanmerking komt. Deze vraag zal ik hierna voor beide scenario’s achtereenvolgens beantwoorden.