Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/7.2.5.3:7.2.5.3 Eén prijs, verschillende producten
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/7.2.5.3
7.2.5.3 Eén prijs, verschillende producten
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258499:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Commentary 8.1. Treatment of package deals. (Adopted, 7th Session, 2 March 1984, 31.460).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als uitgangspunt geldt dat elk ingevoerd goed in de GN moet worden ingedeeld. Van de indeling is onder andere de hoogte van het invoertarief afhankelijk. Indien een totaalprijs wordt afgesproken voor verschillende producten, zonder dat onderscheid wordt gemaakt welke waarde aan welk goed moet worden toebedeeld, speelt de vraag hoe hiermee vanuit een douanewaarde perspectief moet worden omgesprongen. Een gelijksoortig toedelingsvraagstuk doet zich voor als voor goederen die hetzelfde worden ingedeeld een totaalprijs wordt afgesproken, maar het kwaliteitsniveau van de goederen verschilt en slechts een deel van de goederen wordt ingevoerd.
In dat kader worden in Commentary 8.11 van de Technische commissie douanewaarde van de WDO de volgende voorbeelden genoemd:
Een totaalprijs wordt afgesproken voor verschillend in te delen producten zonder dat de prijs is uitgesplitst;
Producten waarvan de kwaliteit verschilt en waarvoor één totaalprijs zonder uitsplitsing is afgesproken, worden in verschillende douanejurisdicties ingevoerd;
Voor verschillend in te delen producten wordt één totaalprijs afgesproken, waarbij voor douanedoeleinden is voorzien in een uitsplitsing van de prijs naar de verschillende producten. De toedeling van de waarde berust of fictieve gronden, waarbij aan laagbelaste goederen evenredig gezien een lagere waarde wordt toegekend, dan aan hoogbelaste goederen.
In de eerste situatie kan de transactiewaarde van de ingevoerde goederen worden gehanteerd, mits op andere wijze kan worden voorzien in een uitsplitsing. Hierbij kan gedacht worden aan een vergelijking met prijzen van identieke of soortgelijke goederen die reeds zijn ingevoerd of een onderverdeling die rust op de uitgangspunten van de algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen (onderdeel 6.6). Voor de tweede situatie geldt dat wanneer producten een verschillend kwaliteitsniveau hebben en een deel van de producten van één kwaliteitsniveau ten invoer worden aangegeven, dit eraan in de weg staat om de ingevoerde goederen te waarderen aan de hand van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen. Dit is aldus de Technische commissie douanewaarde anders wanneer van elk kwaliteitsniveaus een evenredig aantal producten ten invoer worden aangegeven. Ik ben echter van mening dat de allocatiemethodes zoals gebruikt voor de verdeling van de prijs over de ingevoerde goederen zoals bedoeld in de eerste situatie, ook in dit geval toepassing zouden moeten vinden. De transactiewaarde van de ingevoerde goederen zal met andere woorden ook in dat geval toepassing moeten vinden. Een en ander wel onder de voorwaarden dat de hoeveelheid ingevoerde goederen onderworpen waren aan een verkoop voor uitvoer (onderdeel 7.4). In de derde situatie zoals beschreven in Commentary 8.1 berust de waardetoedeling op fictieve gronden en was het verlagen van het verschuldigd bedrag aan invoerrechten door aan laagbelaste goederen een onevenredig deel van de prijs toe te delen het enig doel van de importeur. Terecht geeft de Technische commissie douanewaarde in een dergelijk geval aan dat de transactiewaarde van de ingevoerde goederen dan geen toepassing vindt. De uitgangspunten van het douanewaardesysteem verzetten zich namelijk tegen de toepassing van fictieve douanewaardes.