Einde inhoudsopgave
Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (VDHI nr. 125) 2014/6.2.3.c.i
6.2.3.c.i Is de uitkoop van certificaathouders én aandeelhouders mogelijk?
mr. T. Salemink, datum 01-07-2014
- Datum
01-07-2014
- Auteur
mr. T. Salemink
- JCDI
JCDI:ADS598853:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Evenzo Hijmans van den Bergh (2006), p. 225; Kuijpers (2009), p. 420. Zij wijzen er op dat voor het automatisch overgaan van de onderliggende aandelen met de certificaten een uitdrukkelijke wettelijke bepaling noodzakelijk is.
De gelijkstelling van bewilligde certificaten met aandelen geldt ook voor het verkooprecht in art. 2:359d BW. Dit betekent dat een certificaathouder een vordering tot verkoop kan instellen tegen de meerderheidsaandeelhouder en hem kan dwingen zijn certificaten over te nemen. Ook hier rijst de vraag of de gedaagde meerderheidsaandeelhouder vervolgens certificaten ‘krijgt’.
Uit de wet blijkt niet tegen wie een certificaathouder een vordering tot uitkoop kan instellen. De parlementaire geschiedenis biedt op dit punt evenmin duidelijkheid.
De meest eenvoudige situatie is dat alle aandelen gecertificeerd zijn, waarbij voor ieder aandeel één certificaat is uitgegeven. In dat geval stelt de uitkoper de vordering in tegen de gezamenlijke andere certificaathouders. Bij een toewijzend arrest verkrijgt hij vervolgens de resterende certificaten en niet ook de onderliggende aandelen.1
Minder eenvoudig is de situatie waarin er geen sprake is van volledige certificering. De vraag rijst dan of een certificaathouder ook de aandeelhouders kan uitkopen. Ik geef een voorbeeld. Stel: een vennootschap heeft een geplaatst kapitaal bestaande uit 100 aandelen. Voor elk aandeel is één certificaat uitgegeven. Drie certificaathouders wisselen hun certificaten voor aanvang van de uitkoopprocedure in tegen het onderliggende aandeel. Kan een houder van 96 certificaten een vordering tot uitkoop instellen tegen zowel de andere certificaathouder als tegen de drie aandeelhouders?
Het antwoord luidt mijns inziens bevestigend. De gedwongen overdracht van (certificaten van) aandelen is mede bedoeld om de nadelen voor de uitkoper van een achterblijvende minderheid weg te nemen (§ 4.2.2). Deze nadelen blijven bestaan indien de uitkoper niet alle geplaatste (certificaten van) aandelen verkrijgt, maar slechts de aandelen waarvoor certificaten zijn uitgegeven. Bovendien moet de certificaathouder bij een ontkennend antwoord een tweede uitkoopprocedure starten om ook de resterende aandeelhouders uit te kopen. In dat geval heeft zijn uitkooprecht als certificaathouder geen meerwaarde en kan hij beter direct zijn certificaten omwisselen en als aandeelhouder een vordering instellen tegen het administratiekantoor en de drie resterende aandeelhouders. Tot slot leidt een andere lezing tot het onwenselijke gevolg dat een gedaagde de procedure kan frustreren door zijn certificaten gedurende de procedure om te wisselen in aandelen. Voor de uitkoper moet het naar mijn mening dan mogelijk zijn om deze ‘nieuwe aandeelhouder’ uit te kopen, door op grond van art. 130 Rv zijn eis te wijzigen en de overdracht van de aandelen te vorderen (§ 7.3.3 sub c).
Een vervolgvraag is of de uitkoper recht heeft op de ‘uitgekochte’ aandelen, of dat hij certificaten ontvangt naar rato van het aantal aandelen waarop de vordering zag. Nu de wet hierover niets bepaalt, ben ik van mening dat de certificaathouder de effecten krijgt waarvan hij de overdracht vordert.2 In het door mij gegeven voorbeeld krijgt de uitkoper dus één certificaat en drie aandelen.
Opmerkelijk is tot slot dat de uitkoper in het gegeven voorbeeld zijn vordering instelt tegen slechts een deel van de gezamenlijke andere aandeelhouders. Het administratiekantoor hoeft hij namelijk niet te dagvaarden, omdat de vordering al ziet op de andere certificaathouder(s). De vraag is overigens of een certificaathouder het administratiekantoor überhaupt kan uitkopen. Anders gezegd: kan de vordering tot uitkoop zien op de gecertificeerde aandelen? De uitkoper moet hiervoor dan specifiek kunnen aangeven op welke door het administratiekantoor gehouden aandelen zijn vordering ziet. Dit kunnen namelijk niet alle door het administratiekantoor gehouden aandelen zijn, omdat de uitkoper anders zichzelf (indirect) uitkoopt. Volgens mij is dat niet mogelijk, nog los van de vraag hoe een dergelijke vordering moet luiden.