Einde inhoudsopgave
Kavelruil (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2014/1.II.A.1.0
0. Introductie
mr. J.W.A. Rheinfeld, datum 31-01-2014
- Datum
31-01-2014
- Auteur
mr. J.W.A. Rheinfeld
- JCDI
JCDI:ADS473723:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Grondexploitatie
Voetnoten
Voetnoten
Aldus J.A. Zevenbergen, H.E. van Rij, ‘Het ontwerp Wet inrichting landelijk gebied (Wilg), een eerste verkenning’, in: Agrarisch recht 2005/11, p. 677. Zie tevens Commissie Wilg, ‘Advies over de Wet Inrichting landelijk gebied (Wilg)’, in: Agrarisch recht 2006/9, p. 479, die – zeer treffend – formuleert: ‘Opvallend is dat in de memorie van toelichting niet verwezen wordt naar documenten en bronnen die meer dan twee jaar oud zijn. Ook de Herijkingsrapporten, toch mede aanleiding voor deze nieuwe wet, lijken vergeten’. Een van de weinige uitzonderingen op het voormelde is een korte vermelding in de Memorie van Toelichting: Kamerstukken II 2005/2006, 30509, nr. 3, p. 46.
Na het uitgebreide historische onderzoek naar de ontstaansgeschiedenis van de kavelruil zal ik in dit onderdeel, alvorens de parlementaire behandeling van en de belangrijkste wijzigingen in de WILG onder de loep te nemen, allereerst de ontwikkelingen vanaf het begin van de jaren ‘90 weergeven. Deze ontwikkelingen hebben in belangrijke mate bijgedragen aan de huidige visie op en inhoud van de WILG, maar spelen in de parlementaire geschiedenis van de wet nauwelijks een rol.1 Voor een goed begrip van de WILG in al haar facetten is het onontbeerlijk kennis te nemen van de lange en soms roerige voorgeschiedenis. De historische beschouwing zal derhalve worden voortgezet en wel vanaf het moment van invoering van de Landinrichtingswet tot aan de parlementaire behandeling van de WILG. Het historisch overzicht is daarmee compleet