De turboliquidatie van de Besloten Vennootschap
Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/3.6:3.6 Samenvatting en conclusie
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/3.6
3.6 Samenvatting en conclusie
Documentgegevens:
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS385064:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De ontbindingswijzen van een BV zijn opgesomd in artikel 2:19 lid 1 en lid 4 BW. Ten aanzien van de aldaar opgesomde ontbindingswijzen kan een onderscheid worden gemaakt tussen de ontbinding van een ‘actieve BV’ en de ontbinding van een ‘lege BV’. Over het algemeen wordt onder een ‘lege BV’ verstaan een BV die geen activiteiten (meer) verricht en waarin zich dan ook in de regel geen of zeer weinig activa meer bevinden. In de wet zijn drie ontbindingswijzen voor ‘lege BV’s’ opgenomen: de turboliquidatie ex artikel 2:19 lid 4 BW, de ontbinding door de Kamer van Koophandel ex artikel 2:19a BW en de rechterlijke ontbinding ex artikel 2:185 BW. Per ontbindingswijze wordt een andere omschrijving van een ‘lege BV’ gehanteerd.