Toegang tot het recht bij massaschade
Einde inhoudsopgave
Toegang tot het recht bij massaschade (R&P nr. 150) 2007/6.4:6.4 Randvoorwaarden: financiering en tegengaan van misbruik
Toegang tot het recht bij massaschade (R&P nr. 150) 2007/6.4
6.4 Randvoorwaarden: financiering en tegengaan van misbruik
Documentgegevens:
mr. I.N. Tzankova, datum 30-03-2007
- Datum
30-03-2007
- Auteur
mr. I.N. Tzankova
- JCDI
JCDI:ADS601884:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Verzekeringsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
In dat geval zou ook overwogen kunnen worden om de rechter te belasten met de toezicht op werkverdelingsafspraken tussen de lead counsel en de afzonderlijke subgroepenbelangenbehartigers, ter voorkoming van dubbele werkzaamheden en kosten.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook wil ik expliciet aandacht besteden aan aspecten die vaak als randvoorwaardelijk worden gezien, maar doorslaggevend zijn voor het succes van elke normeringspoging van een collectieve-actieregeling. Achtereenvolgens som ik mijn voorstellen op ten aanzien van de financiering van collectieve acties en aanverwante kostenaspecten, en het tegengaan van misbruik van het instrument.
Het toelaten van resultaatsafhankelijke afspraken, waaronder no cure no pay, dient te worden overwogen. Indien no cure no pay niet als een optie wordt uitgewerkt, dienen andere private en publieke financieringsarrangementen met structureel karakter te worden getroffen en op elkaar te worden afgestemd. Een gestructureerde en een gecobrdineerde aanpak tussen de Bureaus voor Rechtshulp en de rechtsbijstandsbranche zou lonend kunnen zijn, al dan niet in combinatie met enige vorm van een resultaatsafhankelijke beloning. Het treffen van specifieke financieringsarrangementen is voor de afwikkeling van sluipende massaschade in het bijzonder van belang (5.2.9 en 5.2.10);
De remmende werking die een proceskostenveroordeling heeft op de instelling van deugdelijke collectieve acties dient te worden ondervangen, bijvoorbeeld via de instelling van een fonds dat self supporting is en dat onder voorwaarden het risico van een eventuele proceskostenveroordeling dekt (5.2.9);
De rechter dient opleiding en begeleiding te krijgen om alle taken die hem/haar in het kader van de afwikkeling van massaschade worden toebedeeld behoorlijk te kunnen uitoefenen. Tevens dienen de Lamicie-normen in overeenstemming te worden gebracht met deze nieuwe verzwaarde taakopvatting (5.2.7). De aanpassing van de Lamicie-normen zal op een ruimere schaal moeten worden doorgevoerd als niet gekozen wordt voor één exclusief bevoegd gerecht.
Het misbruikgevaar bij collectieve schikkingen en bij de initiële groepsvorming kan worden tegengegaan door een combinatie van maatregelen, zoals:
Het betrekken van de rechter bij de toetsing van de redelijkheid van de beloning van belangenbehartigers, met name indien geen externe financiers, zoals de Bureaus voor rechtshulp of rechtsbijstandverzekeraars, betrokken zijn.1 Indien dergelijke financiers ontbreken, zal ook de inhoud van de bereikte collectieve regeling steeds door de rechter moeten worden getoetst: ook als er geen verbindendverklaring van de overeenkomst wordt verzocht (5.2.7 en 5.2.9);
Het openstellen van de mogelijkheid van een preliminaire inhoudelijke beoordeling van de vordering (al dan niet via figuren als motions to dismiss en summary judgments), die een snelle beoordeling van een claim inhouden en lichtvaardig ingestelde acties dienen te voorkomen, indien het instrument van het kort geding niet geschikt wordt bevonden voor toepassing in een geval van massaschade (5.2.6 en 5.2.7);
De toepassing van een `voorkeurstest' (5.2.6);
De normering van de publiciteit rondom massaschade. Deze kan afkomstig zijn van brancheorganisaties en indien deze onvoldoende zelfregulerend optreden, van de rechter die desverzocht in het kader van zijn ruime case managementbevoegdheden passende ordemaatregelen in een concreet geval kan treffen (5.2.3);
de totstandkoming van een 'collectieve acties-platform' waar verschillende partijen uit het 'collectieve acties'-spectrum onder een onafhankelijke vlag zitting hebben. (5.2.3).