De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/5.2.2:5.2.2 Rechtspositie van OK-functionarissen
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/5.2.2
5.2.2 Rechtspositie van OK-functionarissen
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652098:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo ook Josephus Jitta 2022, p. 847.
Zo ook Josephus Jitta 2022, p. 847 (ten aanzien van de OK-beheerder). Anders Salemink & Nieuwe Weme 2022, p. 805 (ten aanzien van de OK-bestuurder en OK-commissaris), die menen dat sprake is van een contractuele band, en ernaar ‘neigen de contractuele relatie aan te merken als overeenkomst van opdracht (art. 7:400 e.v. BW) of anders als overeenkomst sui generis’.
Zo ook Josephus Jitta 2022, p. 848 (ten aanzien van de OK-beheerder).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf schets ik kort de rechtspositie van OK-functionarissen. Evenzeer als dat geldt voor de rechtsverhouding tussen de onderzoeker en de Ondernemingskamer, moet de rechtsverhouding tussen een OK-functionaris en de Ondernemingskamer mijns inziens worden geduid als een publiekrechtelijke verhouding. Van een overeenkomst van opdracht of verbintenis tussen de Ondernemingskamer en een OK-functionaris is geen sprake. Voor OK-functionarissen geldt dienaangaande niet iets anders dan geldt voor de onderzoeker, waarover par. 3.2.2.3.1
De rechtsverhouding tussen een OK-functionaris en procespartijen, waaronder de geënquêteerde rechtspersoon, is naar mijn mening in beginsel evenmin contractueel van aard, evengoed als dat geldt voor de rechtsverhouding tussen de onderzoeker en procespartijen (par. 3.2.2.4).2 Dat een OK-functionaris met de rechtspersoon onderhandelt over zijn beloning (par. 4.5.2.3) ter uitvoering van zijn benoeming maakt dat mijns inziens niet anders. De rechtspersoon kan een door de Ondernemingskamer getroffen voorziening ook niet ongedaan maken (art. 2:357 lid 3 BW). Hij kan een OK-functionaris dus niet schorsen of ontslaan. Tussen een OK-functionaris en procespartijen kunnen overigens wel contractuele verhoudingen ontstaan, bijvoorbeeld wanneer procespartijen een OK-functionaris vrijwaren (par. 5.2.7.5 en par. 5.3.4.2). De rechtsverhouding tussen een OK-functionaris en procespartijen dient mijns inziens te worden geduid als een verhouding sui generis. De grondslag voor civielrechtelijke aansprakelijkstelling van OK-functionarissen is dan ook niet wanprestatie, maar onrechtmatige daad.3