De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.7.1:5.7.1 Inleiding
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/5.7.1
5.7.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949641:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Noorlander 2007, p. 35.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hiervoor is uiteengezet dat openbare scholen ingesteld krachtens publiekrecht bestuursorganen zijn in de zin van artikel 1:1, eerste lid, onder a, van de Awb. De overige scholen zijn ingesteld krachtens burgerlijk recht en zijn slechts bestuursorgaan voor zover zij een besluit in de zin van de Awb nemen. Het is de vraag in hoeverre daarvan sprake is bij het vaststellen van de uitslag van het examen. Deze vraag is van belang, omdat het antwoord hierop bepaalt welke normen van toepassing zijn.1 Is het examen een besluit in de zin van de Awb, dan zijn deze wet en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing. Wordt het examen niet aangemerkt als besluit, dan wordt de vaststelling van de uitslag van het examen in beginsel beheerst door het burgerlijk recht.
Hierna wordt eerst in het algemeen ingegaan op de vraag of een examen aangemerkt kan worden als een besluit in de zin van de Awb. Vervolgens wordt voor de examens uit de verschillende onderwijssectoren uiteengezet of dit examen als besluit gekwalificeerd kan worden.