De geschillenregeling ten gronde
Einde inhoudsopgave
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/III.4.1:III.4.1 De mogelijke alternatieven
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/III.4.1
III.4.1 De mogelijke alternatieven
Documentgegevens:
prof.mr. C.D.J. Bulten, datum 28-04-2011
- Datum
28-04-2011
- Auteur
prof.mr. C.D.J. Bulten
- JCDI
JCDI:ADS373750:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Voor het aanpassen van de uitstotingsnorm is onder meer ook Schouten (2009), p. 532.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Om tot een bruikbare geschillenregeling te komen, is het mijns inziens nodig de criteria voor uitstoting en uittreding aan te passen.1 Ook al doet de noodzaak voor wijziging zich voor uittreding wellicht minder voelen, toch bepleit ik ook de wijziging van de norm van art. 2:343BW. Bij het door de ene aandeelhouder gepleegd wangedrag zou de ander de keuze moeten hebben: of ik stoot hem uit, of ik treed zelf uit. Een fundamenteel verschil tussen de twee vorderingen zie ik niet op dit punt. De samenloop tussen tegelijkertijd ingestelde vorderingen vormt dan ook geen probleem meer. Bovendien is het vennootschappelijk belang een begrip dat in de literatuur aanleiding geeft tot verhitte discussies en dus minder geschikt is als toetsingscriterium.
Het heeft mijn voorkeur één norm voor beide vorderingen te kiezen. Uit de wetsgeschiedenis en de jurisprudentie komt ook het beeld naar voren dat in de meeste gevallen het feitencomplex aanleiding zou kunnen geven tot het instellen van beide vorderingen. De verwantschap tussen de vorderingen rechtvaardigt één norm.
Eerst bespreek ik de toetsingsnorm van gewichtige omstandigheden. Zij komt in het vennootschapsrecht voor bij de (partiële) ontbinding van een personenvennootschap door de rechter. Het tweede criterium dat ik bespreek, is de redelijkheid en billijkheid van art. 2:8BW. Deze gedragsnorm heeft iedere bij de vennootschap betrokkene, dus ook de aandeelhouder, in acht te nemen. Een derde norm in het ondernemingsrecht is de term 'wanbeleid' uit het enquêterecht. Het antwoord op de vraag of wanbeleid tot aandelenoverdracht kan leiden, bespreek ik in § VII.3.