Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen in Nederland, Noorwegen en Zweden
Einde inhoudsopgave
Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen (SteR nr. 2) 2011/V.26.3.2:26.3.2 Noorwegen
Rechtsbescherming tegen bestuurshandelen (SteR nr. 2) 2011/V.26.3.2
26.3.2 Noorwegen
Documentgegevens:
L.A. Kjellevold Hoegee, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
L.A. Kjellevold Hoegee
- JCDI
JCDI:ADS583206:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De toegang tot de rechter moet volgens de wetgever aan beperkingen worden gebonden. In dit verband verwijst de wetgever naar het belang van de (potentiële) gedaagde om niet onnodig in een procedure te worden verwikkeld, de werklast van de rechterlijke macht en de rol van de rechter als beslechter van concrete juridische geschillen.1 De wetgever heeft echter voor de toegang tot de rechter geen hoge drempel willen opwerpen. Dit heeft mede te maken met de eisen die het EVRM stelt aan de toegang tot de rechter (‘access to court’). De proceskostenregeling, de mogelijkheid tot vereenvoudigde behandeling en de beperkte toegang tot de hoger beroepsinstantie zijn volgens de wetgever beter geëigende middelen om nutteloze procedures te voorkomen.2