Voor risico van de ondernemer
Einde inhoudsopgave
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/3.7:3.7 Conclusie
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/3.7
3.7 Conclusie
Documentgegevens:
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS714006:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
(Rechts)persoonlijkheid is een juridisch begrip. (Rechts)persoon is degene die door het recht wordt ‘aangewezen’ als drager van rechten en plichten. De ‘persoon’ is een vat vol belangen. Aangezien de belangen van de rechtspersoon niet per definitie hoeven samen te vallen met de belangen van de individuen binnen de rechtspersoon, moeten meerdere personen worden onderscheiden. Het individu en de rechtspersoon zijn theoretisch te onderscheiden. Niet alleen de persoon in het recht is een juridisch construct, maar ook de ‘handeling’. Door de handeling als juridisch construct te zien, kan de stap worden gemaakt naar ‘de handeling van de rechtspersoon.’ Omdat de rechtspersoon (juridisch) kan handelen, kan hij tevens dader zijn. Het daderschapsbegrip is – net als het persoonlijkheidsbegrip en het handelingsbegrip – een juridisch begrip.
Het handelen van de rechtspersoon, en in het verlengde daarvan het (juridisch) daderschap van de rechtspersoon, wordt vastgesteld aan de hand van het Babbel-criterium. Dit criterium houdt in dat de rechtspersoon dader is, indien de gedraging van een functionaris in het maatschappelijk verkeer heeft te gelden als gedraging van de rechtspersoon. Het resultaat is een eigen gedraging van de rechtspersoon. Om die reden moet het Babbel-criterium worden onderscheiden van toepassing van art. 6:170 BW, dat niet tot uitgangspunt neemt het zelf plegen van een gedraging, maar de kwaliteit van de aangesproken partij.
Het Babbel-criterium is een open norm die nadere specificering behoeft. Of daderschap van de rechtspersoon kan worden aangenomen is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Omstandigheden die van belang kunnen zijn, zijn: de positie van de fysiek handelende functionaris in de organisatie; de plaats waar het (fysieke) handelen heeft plaatsgevonden; de aard en strekking van de geschonden norm; de aard van de gedraging, waarbij met name relevant is of de schadeveroorzakende gedraging past binnen de normale ondernemingsactiviteiten; of de schadeveroorzakende gedraging de rechtspersoon voordeel heeft opgeleverd; de aard van de rechtspersoon, waarbij met name relevant is de interne structuur en omvang van de organisatie.
Het juridisch daderschap van de rechtspersoon valt niet samen met het juridisch daderschap van de functionarissen behorende tot de rechtspersoon. Van daderschapsverdubbeling is mijns inziens geen sprake. Een fysieke gedraging kan in het maatschappelijk verkeer hebben te gelden als: a) de juridische gedraging van een functionaris; b) de juridische gedraging van de rechtspersoon; c) een juridische gedraging van de functionaris en daarnaast een juridische gedraging van de rechtspersoon, in zoverre dat het wel gaat om twee afzonderlijke juridische gedragingen. Voor het vaststellen van het juridisch daderschap van de rechtspersoon wordt daarom niet aangeknoopt bij het juridisch daderschap van de functionaris. Dit roept de vraag op of voor het vaststellen van het daderschap van de rechtspersoon wel moet worden aangeknoopt bij het fysieke handelen van een functionaris. Deze vraag komt in het volgende hoofdstuk aan bod.