Einde inhoudsopgave
Speaking the same language (AN nr. 181) 2023/3.3.1.1
3.3.1.1 De achtergrond van de trustwetgeving
mr. K.R. Filesia, datum 25-09-2023
- Datum
25-09-2023
- Auteur
mr. K.R. Filesia
- JCDI
JCDI:ADS717386:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Landsverordening Trust, Publicatieblad 2011, nr. 67.
Nederland is sinds 1 februari 1996 partij bij het Haags Trustverdrag.
Zie ook: MvT Landsverordening trust, Publicatieblad 2011, nr. 67, p. 1. Zie ook: D.J. Hayton, S.C.J.J. Kortmann & H.L.E. Verhagen (red.), Principles of European Trust Law, Deventer: W.E.J. Tjeenk Willink 1999, p. 13-20 en p. 29-64.
Vanwege het voornemen van Curaçao om een eigen trustwetgeving in het leven te roepen, had de wetgever in de periode voorafgaand aan de introductie van de trustwetgeving. besloten om af te zien van de toetreding tot dit verdrag. Wel bestaat het voornemen om in de toekomst een Landsverordening conflictenrecht trusts in te voeren, teneinde mede-gelding van het Haagse Trustverdrag te bewerkstelligen. Zie hiervoor: MvT Landsverordening trust, Publicatieblad 2011, nr. 67, p. 1; M.F. Murray, De Parlementaire Geschiedenis van het Curaçaose Burgerlijk Wetboek: Tekst en toelichting op het Burgerlijk Wetboek, Den Haag: Bju 2016, p. 815-816. Het is mij echter een raadsel waarom de Curaçaose wetgever tot heden – ondanks zijn voornemen – geen geschreven regels op het gebied van het internationaal en interregionaal trustrecht heeft ontwikkeld en geïntroduceerd, mede gelet op het feit dat de Curaçaose trustwetgeving gericht is op de internationale financiële gremia en de Curaçaose trust hierdoor deel zal nemen aan het internationale rechtsverkeer. Daarnaast zullen Anglo-Amerikaanse trusts – vanwege de ligging van Curaçao op het continent Amerika, de gunstige Curaçaose wetgeving, het feit dat Curaçao onderdeel is van het Koninkrijk en daarmee aantrekkelijk is voor cliënten uit ‘common law’ landen – ongetwijfeld in aanraking komen met de Curaçaose rechtssfeer. Vgl. voorts: K.R. Filesia, ‘De Curaçaose trust in het Nederlandse recht’, WPNR 2018/7191, p. 355-358; H.Th.M Burgers, ‘De erkenning van de Curaçaose trust in het Nederlandse recht’, WPNR 2018/7206, p. 678-680; K.R. Filesia, ‘Naschrift’, WPNR 2018/7206, p. 680-682.
Zie ook: J. de Boer, ‘De trust naar Curaçaos recht’, WPNR 2012/6926, p. 287 en art. 3 HTV.
De Landsverordening Trust1 is op 1 januari 2012 op Curaçao van kracht geworden. De huidige trustwetgeving vindt haar oorsprong in het Anglo-Amerikaanse trustrecht en het Haagse Trustverdrag2, alsmede in de door geleerden ontwikkelde ‘European Principles of Trust Law’.3 Alhoewel voor de Curaçaose trustwetgeving inspiratie ontleend is aan het Haagse Trustverdrag, is Curaçao tot heden geen partij bij dit verdrag.4/5
De Curaçaose trustregeling is vervat in titel 3.6 van het Burgerlijk Wetboek van Curaçao (hierna: BWC) en bestaat uit 36 artikelen. De bepalingen van de trustwetgeving zijn grotendeels van regelend recht en het algemene goederenrecht is in beginsel naast de bepalingen van deze titel van toepassing.
De Curaçaose wetgever heeft bij de inrichting van een eigen trustwetgeving uitsluitend gekozen voor de introductie van de ‘express’ trust. Aan deze bewuste keuze ligt het feit ten grondslag dat de wetgever ervan uit is gegaan, dat er in de praktijk minder animo bestaat voor andere trustvormen en dat de ‘express trust’ betere aansluiting vindt bij het continentaal rechtssysteem.6