Einde inhoudsopgave
Vijandige overnames (IVOR nr. 79) 2010/5.3.2
5.3.2 Onderhandse aankoop van aandelen
mr. M.J. van Ginneken, datum 23-11-2010
- Datum
23-11-2010
- Auteur
mr. M.J. van Ginneken
- JCDI
JCDI:ADS617701:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 1988 betreffende de gegevens die moeten worden gepubliceerd bij de verwerving en bij overdracht van een belangrijke deelneming in een ter beurze genoteerde vennootschap, (88/627/EEG), PB EG L348/62.
Wet melding zeggenschap en kapitaalbelang in effectenuitgevende instellingen (Stbl. 2006, 355) (hierna Wmz 2006). Zie over de Wmz 2006 uitgebreid Perrick & De Wijkerslooth (2006). Zie ook Stevens (2006). Zie over de Wmz 1996 o.a. Perrick (1997) en Hoff (1997).
Deze trad op 1 oktober 2006 in werking. Sommige bepalingen traden pas per 1 november 2006 in werking. Zie Besluit van 25 augustus 2006, houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wmz (Stbl. 2006, 399). Zie voor de definitie van uitgevende instellingen voor deze meldingsplicht art. 5:33 lid 1 onder a Wft. Voor de goede orde wijs ik er op dat voor de meldingsplicht voor bestuurders en commissarissen een andere definitie van uitgevende instelling wordt gehanteerd, zie hierna onder C.
Art. 5:34 lid 1 Wft. Uitgevende instellingen met uitstaande certificaten melding moeten maken van elke uitgifte of intrekking van met haar medewerking uitgegeven certificaten, voor zover deze betrekking heeft op meer dan 1% van het geplaatste kapitaal. Ook hiervoor geldt verder een periodieke melding, voor zover niet eerder gemeld. Zie art. 5:35 lid 3 Wft. Overige meldingen (van wijzigingen van minder dan 1%) mogen op ieder tijdstip aan de AFM worden gemeld, maar dergelijke wijzigingen moeten in ieder geval periodiek, dat wil zeggen binnen acht dagen na afloop van elk kalenderkwartaal, aan de AFM worden gemeld. Art. 5:34 lid 2 Wft (2 Wmz 2006) jo. art. 2 Besluit melding zeggenschap en kapitaalbelang in uitgevende instellingen van 12 oktober 2006 (Stbl. 2006, 509). Zie over deze meldingen Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 498.
Uit art. 5:35 lid 1 Wft vloeit voort dat alle wijzigingen in het aantal stemmen dat op de aandelen kan worden uitgebracht apart moeten worden gemeld, tenzij deze wijziging voortvloeit uit een melding van de wijziging in het kapitaal. Perrick & De Wijkerslooth stellen dat het niet de bedoeling was van de wetgever om te verplichten alle wijzigingen in stemmen te melden en hebben kritiek op de formulering. Zie Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 498.
Kamerstukken II 2002/03, 28 985, nr. 3, p. 9. Zie ook Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 499.
Art. 5:45 lid 3 Wft.
Art. 5:45 lid 5 Wft.
De stemmen waarover hij zelf beschikt moeten worden gemeld als een rechtstreeks belang, de overige stemmen als een middellijk belang. Zie Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 501. In de Wmz 2006 is een meldingsplicht gecreëerd voor een beheerder van een beleggingsfonds, die wordt geacht te beschikken over de aandelen en de daaraan verbonden stemmen. Art. 5:45 lid 7 Wft. Dit betekent dat een beheerder van enkele beleggingsfondsen de aandelen van deze fondsen in een bepaalde uitgevende instelling bij elkaar moet optellen. Dit zal naar verwachting leiden tot meer transparantie. Deze regeling is technisch en ingewikkeld. Zie hierover Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 501-502.
Zie Kemperink (2002), p. 238-239.
Zie Monitoring Commissie Corporate Governance (2007), p. 17-18 en Kamerstukken II 2008/2009, 32014, nr. 2.
Hij moet dit doen binnen vier handelsdagen na de melding van de uitgevende instelling, zie art. 5:39 lid 1 Wft.
Kamerstukken II 2004/05, 28 985, nr. 7, p. 20. Hierbij is door de Minister opgemerkt dat de meldingsplicht de verantwoordelijkheid is van de meldingsplichtige persoon en dat hij niet is gedisculpeerd als het alerteringsbericht ten onrechte uitblijft. Hij behoort te weten dat hij een drempelwaarde bereikt, overschrijdt dan wel onderschrijdt. Perrick & De Wijkerslooth kennen aan de uitlating van de Minister geen betekenis toe; een aandeelhouder behoeft niet dagelijks het register te raadplegen om op de hoogte te blijven van eventuele wijzigingen. Zie Perrick & De Wijkerslooth (2006), p. 500.
Art. 5:41Wft. De meldingsplichtige moet een wijziging binnen vier weken na 31 december van het desbetreffende jaar melden.
Dit geldt ook voor de omwisseling van aandelen in certificaten. Zie art. 5:41 lid 1 Wft.
Art. 5:60 lid 1 Wft. Art. 5:48 Wft.
Art. 5:48 lid 3 Wft.
Hiervoor bestaan twee regelingen, waartussen een zekere overlap bestaat. Zie art. 5:48 lid 6 en 7 Wft (onverwijlde meldingsplicht van wijziging in aandelen of stemrecht) en art. 5:60 lid 1 Wft (meldingsplicht voor insiders van transacties in aandelen binnen vijf werkdagen). Een dubbele melding is niet nodig, zie art. 7 Besluit Marktmisbruik Wft.
De Wmz werd in Nederland geïntroduceerd ter implementatie van de Europese Richtlijn 88/627/EEG.1 De wet verplicht aandeelhouders in beursvennootschappen om een bepaald aandelenbezit te melden. Tevens bevat deze meldingsverplichtingen voor beursvennootschappen zelf. Doel van deze wetgeving is om transparantie te verkrijgen over wie de grotere aandeelhouders in beursvennootschappen zijn. In 2006 is de Wmz fors gewijzigd. Dit mede ter implementatie van de Transparantierichtlijn.2 Sinds 1 januari 2007 zijn de meldingsregels opgenomen in de Wft.
De regels maken onderscheid tussen meldingen die moeten worden gedaan door uitgevende instellingen, aandeelhouders (en certificaathouders) en bestuurders en commissarissen.
A. De meldingsplicht voor uitgevende
De meldingsplicht voor uitgevende instellingen werd geïntroduceerd in 2006.3 Alle uitgevende instellingen waren op grond van de Wmz 2006 verplicht uiterlijk op 28 oktober 2006 aan de AFM een melding te doen van het geplaatst aandelenkapitaal en de daaraan verbonden stemmen.4 Hierdoor werden de exacte gegevens over het geplaatst kapitaal en de daaraan verbonden stemmen van uitgevende instellingen bekend. Het geplaatst kapitaal en de daaraan verbonden stemmen worden ook wel de noemergegevens genoemd, omdat deze bij de berekeningen voor het doen van meldingen door aandeelhouders in de noemer van de breuk worden geplaatst (zie hierna). Het is de bedoeling dat de gegevens actueel worden gehouden doordat de uitgevende instellingen, elke keer als een wijziging in het kapitaal optreedt van 1% ten opzichte van de vorige melding, hiervan onverwijld melding moeten maken.5 Naast de melding van het kapitaal, dienen ook wijzigingen in het aantal uit te brengen stemmen te worden gemeld. In de praktijk zal dit vaak samenvallen.6 Bij de berekening van het kapitaal en de daaraan verbonden stemmen dienen potentiële rechten, zoals optierechten tot uitgifte van nieuwe aandelen, niet te worden meegenomen.7
B. Meldingsplicht voor aandeelhouders
Eenieder die beschikking krijgt of verliest over aandelen of stemmen in een uitgevende instelling waardoor hij de drempelwaarden 5%, 10%, 15%, 20%, 25%, 30%, 40%, 50%, 60%, 75% en 95% overschrijdt moet dit melden. Dit is de algemene meldingsplicht uit art. 5:38 Wft. Ook rechten tot het verkrijgen van aandelen (bijvoorbeeld opties) vallen onder de meldingsplicht (zogenaamde potentiële rechten). In de Wmz 2006 is wat meer duidelijkheid gebracht over de vraag wanneer iemand wordt geacht de beschikking te hebben over aandelen of stemmen (toerekening). Zo worden aandelen van dochtermaatschappijen aan de moeders toegerekend8 en dienen de belangen van partijen die een overeenkomst hebben gesloten over een duurzaam gemeenschappelijk beleid inzake het uitbrengen van stemmen (acting in concert) bij elkaar te worden opgeteld.9 Iedere partij bij een dergelijke overeenkomst dient, als het totale belang van alle partijen meldingsplichtig is, het belang van alle partijen te melden.10 Intenties behoeven, in tegenstelling tot in de VS, niet te worden gemeld. Er wordt wel gesteld dat de algemene norm uit art. 2:8 BW overnemers in bepaalde omstandigheden kan dwingen om hun intenties kenbaar te maken, maar dit is geen sterke juridische basis voor dergelijke meldingsplichten.11 Daar kan echter verandering in komen. Naar aanleiding van het voorstel van de Monitoring Commissie in haar rapport van mei 2007 om een dergelijke verplichting in wetgeving op te nemen ligt er inmiddels een wetsvoorstel waarin dit concept is neergelegd.12
De Wmz 2006 heeft ook een zogenoemde passieve meldingsplicht geïntroduceerd voor personen die al een melding hebben gedaan. Indien het uitstaande kapitaal of stemmen van een uitgevende instelling wijzigt (hiervan wordt door de uitgevende instelling melding gedaan) en daardoor het percentage van het kapitaalbelang of stemmen dat door de meldingsplichtige is gemeld een andere drempelwaarde bereikt, zal hij dit moeten melden.13 Deze passieve meldingsplicht ontstaat dus zonder dat de aandeelhouder zelf een transactie verricht. Aangezien deze verplichting volledig buiten medeweten van de meldingsplichtige om kan ontstaan, heeft de AFM een alerteringsfunctie in het systeem ingebouwd. Deze alerteringsfunctie zorgt ervoor dat de meldingsplichtige, als hij daarom heeft verzocht, automatisch per e-mail een bericht krijgt als een mutatie in het register van de AFM is opgenomen ten aanzien van de uitgevende instelling waarin hij eerder een melding heeft gedaan.14
Naast de actieve en passieve meldingsplichten heeft de Wmz 2006 ook een periodieke meldingsplicht geïntroduceerd. Dit houdt in dat als er op 31 december van enig jaar een wijziging is opgetreden in de samenstelling van het belang van de meldingsplichtige, ten opzichte van diens vorige melding, de meldingsplichtige dit moet melden.15 Dit is een aanvulling op de passieve meldingsplicht en ziet specifiek op de omzetting van een potentieel belang in een reëel belang (of vice versa) ten opzichte van het vorige jaar. Hierbij moet worden gedacht aan de omzetting van call opties (potentieel belang) in aandelen (reëel belang).16
Ten slotte is er nog een meldingsplicht geïntroduceerd voor eenieder die de beschikking krijgt of verliest over een of meer aandelen met een bijzonder statutair recht inzake de zeggenschap in een uitgevende instelling.17 Hier wordt gedoeld op prioriteitsaandelen.
C. Meldingsplicht voor bestuurders en commissarissen
Bestuurders en commissarissen van Nederlandse beursvennootschappen zijn verplicht iedere transactie die zij verrichten in aandelen of stemrechten in de vennootschap waarvan zij bestuurder of commissaris zijn te melden aan de AFM.18 Bestuurders of commissarissen dienen de aandelen en stemmen waarover zij beschikken binnen twee weken na hun benoeming te melden.19 Vervolgens dienen alle wijzigingen en transacties te worden gemeld.20 Bepalingen inzake de afdracht van short swing profits, zoals deze in de VS bestaan, komen niet voor.