Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/11.2.3.2
11.2.3.2 Wettelijke grondslag
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258641:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Voetnoten
Voetnoten
Explanatory note 2.1. Commissions and brokerage in the context of Article 8 of the Agreement. (Adopted, 3rd Session, 23 March 1982, 28.560), punten 12 t/m 14.
S. Armella, EU Customs Code, Milaan: Bocconi University Press 2018, p. 203. Armella wijst erop dat bij commissies en courtages de juridische kwalificatie van de onderliggende verrichte dienst van belang is voor de wijze waarop het douanerecht toepassing vindt.
Of deze transactiewaarde ook de basis vormt voor de vaststelling van de douanewaarde, hangt af of deze transactie wordt aangemerkt als laatste verkoop voor uitvoer in de zin van artikel 128, lid 1, UDWU. Zie over het bepalen van de transactiewaarde bij opeenvolgende verkopen hoofdstuk 9.
Zie in detail onderdeel 7.4.1.
Zie in dit verband ook HvJ EEG 6 juni 1990, nr. C-11/89 (Unifert Handels GmbH tegen Hauptzollamt Münster), ECLI:EU:C:1990:237, r.o. 26. In deze zaak werden meststoffen gekocht door NV Ferdis en doorverkocht aan een verbonden entiteit genaamd Unifert Handels GmbH. NV Ferdis factureerde deze goederen door aan Unifert Handels GmbH en bracht afzonderlijk een ‘aankoopcommissie’ van 6% van het factuurbedrag in rekening. Het Hof van Justitie oordeelde dat deze aankoopcommissie onderdeel uitmaakt van de werkelijk betaalde of te betalen prijs. Immers: “[…] onder inkoopcommissies worden verstaan de vergoedingen die een importeur aan zijn agent betaalt voor de dienst van het hem vertegenwoordigen bij de aankoop van de goederen waarvan de waarde wordt bepaald. Onder dat begrip vallen dus niet door de koper aan de verkoper betaalde bedragen, zelfs niet wanneer deze zo zijn berekend, dat zij de administratieve en andere algemene kosten van de verkoper dekken die niet rechtstreeks verband houden met de betrokken verkoop.”
Explanatory note 2.1. Commissions and brokerage in the context of Article 8 of the Agreement. (Adopted, 3rd Session, 23 March 1982, 28.560), punt 4.
Canadian International Trade Tribunal 14 juli 2008, Appeal no. AP-2007-006 (Clothes Line Apparel).
Explanatory note 2.1 van de Technische commissie douanewaarde van de WDO geeft enkel voorbeelden van diensten die typisch worden uitgevoerd door een inkoopagent, en geeft slechts in algemene bewoordingen weer welke dienstverlening een agent verleend.
In de CVA wordt niet voorzien in een definitie voor commissie en courtages. Explanatory note 2.1 van de Technische commissie douanewaarde van de WDO voorziet wel in een definitie:1
“Commissies en courtage zijn vergoedingen, betaald aan tussenpersonen voor hun medewerking bij de afsluiting van de koopovereenkomst.”
Hoewel op nationaal niveau de exacte functies van een agent kunnen verschillen, meent de Technische commissie douanewaarde niettemin dat aan een agent bepaalde karakteristieken kunnen worden toegeschreven. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds een inkoop- of verkoopagent (‘buy orsales agent’) en anderzijds een tussenpersoon (‘broker’). Een inkoop- of verkoopagent bemiddelt namens de koper respectievelijk de verkoper bij de verkooptransactie, waarbij de bemiddelingsdienst wordt beloond met een vergoeding die meestal wordt bepaald aan de hand van een percentage van de verkoopprijs van de ingevoerde goederen. Terecht wordt mijns inziens in Explanatory note 2.1 notitie genomen van het feit dat een tussenpersoon in wezen eenzelfde soort persoon is als een inkoop- of verkoopagent. De Technische commissie douanewaarde lijkt echter nog de suggestie te wekken dat een tussenpersoon enkel de koper en verkoper bij elkaar brengt en een inkoop- of verkoopagent (eventueel) een iets meer omvattend dienstenpakket aanbiedt. Ik acht het onderscheid in naamgeving louter theoretisch en niet van invloed op de vraag of de door hun in rekening gebrachte vergoeding als commissie of courtage belastbaar is. Ik zal derhalve in het vervolg enkel de term agent gebruiken waarmee ik dan doel op zowel inkoop- en verkoopagenten alsook op tussenpersonen.
Voor het definiëren van commissies en courtages is het allereerst van belang dat commissies en courtages worden onderscheiden van een ‘verkoop (voor uitvoer)’ in douanerechtelijke zin.2 Indien sprake is van een ‘verkoop (voor uitvoer)’ vormt de vergoeding geen (inkoop)commissie of courtage, maar de marge of winstopslag die de koper van de goederen krijgt aangerekend en dat onderdeel uitmaakt van de transactiewaarde.3 Voor het aanmerken van een transactie als ‘verkoop (voor uitvoer)’ is het van belang dat sprake is van een overgang van een juridische titel en/of de verkrijging van financieel risico over de ingevoerde goederen.4 Indien aan één van beide voorwaarden wordt voldaan, lijkt sprake van een verkoop in douanerechtelijke zin en vinden de artikelen met betrekking tot commissies en courtages geen toepassing.5 Het is met andere woorden van belang dat een agent de verkoper of koper vertegenwoordigt. Hij mag daarbij handelen in naam van de vertegenwoordigde of in eigen naam, maar moet altijd voor rekening van de vertegenwoordigde handelen om als agent te worden aangemerkt. Een en ander blijkt ook uit Explanatory note 2.1:6
“De commissionair (ook,,agent’’ of tussenpersoon genoemd) is iemand die koopt of verkoopt, desgevallend in eigen naam, maar altijd voor rekening van een committent. Hij neemt deel aan het afsluiten van de koopovereenkomst door er de verkoper of de koper te vertegenwoordigen.”
Het Canadian International Trade Tribunal lijkt de koper-agentrelatie iets ruimer op te vatten:7
“It is well established that an agency is the relationship that exists between two persons when one, called the agent, is considered in law to represent the other, called the principal, in such a way as to be able to affect the principal’s legal position by, inter alia, the making of contracts.”
Door de toevoeging van de zinsnede ‘inter alia’ kan een koper-agentrelatie nog bestaan als de agent niet alleen de partijen bij elkaar brengt en ondersteuning biedt bij het sluiten van de koopovereenkomsten, maar ook indien zij additioneel nog andere diensten verricht. Ik meen dat dit, gelet ook op de gebruikelijke commissiediensten die in onderdeel 11.2.3.3 uiteengezet worden, passender is.8