Toerekening van kennis aan rechtspersonen
Einde inhoudsopgave
Toerekening van kennis aan rechtspersonen (O&R nr. 98) 2017/2.8:2.8 Conclusie
Toerekening van kennis aan rechtspersonen (O&R nr. 98) 2017/2.8
2.8 Conclusie
Documentgegevens:
mr. B.M. Katan, datum 01-01-2017
- Datum
01-01-2017
- Auteur
mr. B.M. Katan
- JCDI
JCDI:ADS601923:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
66. Om te bepalen wat een rechtspersoon weet en hoe dat moet worden vastgesteld, is inzicht nodig in veel aspecten van het juridische begrip kennis. Het is onder meer nodig om te begrijpen wat kennis betekent, wat kennis onderscheidt van gedragingen en met welk doel normen een bepaald type kennis van een of beide partijen eisen. Aspecten zoals deze spelen naar mijn overtuiging een rol in de wijze waarop en het gemak waarmee kennis kan worden toegerekend.
67. In dit hoofdstuk heb ik laten zien dat kennis een centrale notie is in het burgerlijk recht en heb ik verdedigd dat de toerekening daarvan een eigen benadering behoeft. De regels inzake toerekening van gedragingen zijn niet één-op-één toepasbaar op kennis (par. 2.2 en 2.4). Het type kennis dat door een norm wordt vereist, zegt iets over de mate van bescherming die een norm aan een partij biedt en daarmee over de terughoudendheid die al dan niet moet worden betracht bij het toerekenen van kennis. De door normen vereiste kennis bestaat in vele gradaties, van opzet en bedrog tot ‘behoren te begrijpen’. Bij sommige oordelen over kennis is toerekening helemaal niet aan de orde, zoals wanneer een partij ‘geacht wordt’ iets te weten of wanneer een feit ‘kenbaar’ is. Tjittes’ begrip ‘organisatiewetenschap’ acht ik niet bruikbaar, omdat het verschillende situaties dekt die van elkaar onderscheiden moeten worden. Zie over dit alles par. 2.5 en 2.6. Het feit dat kennis van natuurlijke personen een interne aangelegenheid is, staat de bewijsbaarheid daarvan niet in de weg (par. 2.7).