Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/2.4.6:2.4.6 Conclusie met betrekking tot de wezenlijke kenmerken van de btw
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/2.4.6
2.4.6 Conclusie met betrekking tot de wezenlijke kenmerken van de btw
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS414506:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het voorgaande ben ik ingegaan op de vraag in hoeverre het mogelijk is om wenselijk recht te onderscheiden van (onwenselijk) positief recht.
Aan de hand van Dworkins ‘one right answer’-theorie heb ik een normatief kader geschetst voor de verantwoordelijkheid die de rechter – en in feite iedere beoefenaar van het btw-recht – heeft met betrekking tot de beantwoording van rechtsvragen in het btw-recht.
Ik heb aangegeven dat een interpretatie van het btw-recht moet worden beoordeeld aan de hand van de wezenlijke kenmerken van de btw. Het eerste kenmerk is het beginsel van algemene heffing, dat ik in mijn onderzoek met name als proportionaliteitstoets zal gebruiken. Het tweede wezenlijke kenmerk is het beginsel van fiscale neutraliteit, zowel de economische als de juridische dimensie, als algemene toets geldt voor wenselijk btw-recht. Datzelfde geldt voor het rechtskarakter van de btw, het oogmerk om consumptief verbruik te belasten. In het vervolg van mijn onderzoek zal ik het gevonden positieve recht toetsen aan deze wezenlijke kenmerken op de wijze zoals hiervoor omschreven. Waar het positieve recht suboptimaal moet worden geacht in het licht van deze wezenlijke kenmerken doe ik voorstellen voor wenselijk recht. In veel gevallen zal het toepassen van dit toetsingskader neerkomen op een afweging van de verschillende wezenlijke kenmerken van de btw. Ten behoeve van de leesbaarheid heb ik daar waar die afweging evident niet tot de conclusie leidt dat het positieve recht afwijkt van het wenselijke recht, de toetsing niet in extenso uitgewerkt.