Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering
Einde inhoudsopgave
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/I.1.6.5:I.1.6.5 Wijziging van de Wet OB 1968 en de Btw-richtlijn
Omzetbelastingaspecten van ondernemingsfinanciering (FM nr. 147) 2016/I.1.6.5
I.1.6.5 Wijziging van de Wet OB 1968 en de Btw-richtlijn
Documentgegevens:
W.J. Blokland, datum 01-06-2016
- Datum
01-06-2016
- Auteur
W.J. Blokland
- JCDI
JCDI:ADS496502:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Institutioneel dossier 2007/0267(CNS). Zie voor de intrekking PbEU 2016, C 155/3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals hiervoor al is besproken, rust (ook) op Nederland de verplichting het door de Btw-richtlijn voorgeschreven resultaat te realiseren. Dit beperkt de ruimte om de Wet OB 1968 naar eigen inzicht in te richten en te wijzigen. Wijzigingen van de Wet OB 1968 zijn alleen toegestaan als daardoor geen inbreuk op het door de Btw-richtlijn voorgeschreven resultaat ontstaan of – beter nog – als zij bijdragen aan het bereiken van dat resultaat. Voor fundamentele wijzigingen in de Wet OB 1968 zal veelal voorafgaande aanpassing van de Btw-richtlijn noodzakelijk zijn. Hierdoor ontstaat starheid. Dit geldt temeer omdat wijziging van de Btw-richtlijn op basis van artikel 113 VWEU op haar beurt instemming van alle 28 lidstaten vereist. Vanwege het onvermijdelijke uiteenlopen van belangen van lidstaten betekent de eenparigheid in de praktijk dat wijzigingen een moeizaam en tijdrovend proces zijn. Een voorbeeld vormen de inmiddels ingetrokken voorstellen voor de modernisering van de Btw-richtlijn op het gebied van financiële diensten en verzekeringsdiensten.1