Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2026/378:378 Geen grondslag?
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2026/378
378 Geen grondslag?
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 01-10-2007
- Datum
01-10-2007
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD105646:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vriesendorp heeft aan het gegeven dat afhankelijke zekerheidsrechten niet kunnen overgaan op de pandhouder de conclusie verbonden dat de pandhouder deze rechten niet kan uitoefenen, om de reden dat hij geen andere grond ziet waarop de pandhouder dat zou kunnen.1 Is deze redenering juist dan zou, ook nadat hij inningsbevoegd is geworden, de houder van een pandrecht op een vordering een tot zekerheid van die vordering gevestigd recht van pand of hypotheek niet kunnen uitoefenen en zou hij een derde die zich voor de vordering borg stelde niet tot betaling kunnen aanspreken. Gevolg zou zijn dat noch de pandgever, noch de pandhouder zich op een dergelijk recht zouden kunnen beroepen.2