Uitbesteding in de financiële sector
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/8.1.3:8.1.3 Derde onderzoeksvraag: de toepassing door de uitbesteder
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/8.1.3
8.1.3 Derde onderzoeksvraag: de toepassing door de uitbesteder
Documentgegevens:
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015,
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS594134:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De uitbestedingsregels vormen in essentie een open zorgvuldigheidsnorm. Ze vergen een proportionele aanpak van de risico’s die aan een uitbesteding zijn verbonden. Het is daarom niet goed mogelijk aan te geven wélke maatregelen een uitbesteder concreet moet nemen. Weliswaar bevatten de diverse sectorale regelingen soms concrete, precieze voorschriften. Een onderneming die werkzaamheden uitbesteedt, kan niet volstaan met “het afvinken” van sectorale detailvoorschriften. Over tal van aspecten van de uitbesteding bevatten de uitbestedingsregels voor de eigen sector, en soms ook die voor andere sectoren, in het geheel geen bepalingen. Waar het om gaat, is dat risico’s worden onderkend en dat daarvoor adequate maatregelen worden getroffen. Dat kan verdergaande maatregelen vergen dan op het eerste oog uit een sectorale regeling blijkt.
In dit onderzoek komen tal van maatregelen die een onderneming kan nemen om de aan een uitbesteding verbonden risico’s te beheersen systematisch voor het voetlicht. Het is (beslist) niet zo dat de gedane suggesties steeds moeten worden gevolgd. De maatregelen moeten proportioneel zijn aan de risico’s. Waar het steeds op aan komt, is of het geheel van genomen maatregelen toereikend is om de met de uitbesteding gepaard gaande risico’s adequaat te beheersen. Zo kan een beperkte bevoegdheid tot het geven van aanwijzingen heel acceptabel zijn als er een goede beëindigingregeling in de overeenkomst is opgenomen. Ook een aansprakelijkheidsbeperking ten gunste van de dienstverlener kan billijk zijn, mits er voor die dienstverlener voldoende prikkel overblijft om zich optimaal in te zetten.