De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV
Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/5.5.1:5.5.1 Inleiding
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/5.5.1
5.5.1 Inleiding
Documentgegevens:
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS391275:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Daarbij ga ik ervan uit dat op grond van art. 2:239 lid 4 BW niet in de statuten is bepaald dat de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen het bestuur instructies kan geven.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Eerder stelde ik aan de orde dat de aandeelhouder bij het uitoefenen van zijn stemrecht in beginsel zijn eigen belang voorop mag stellen. Dat eigen belang hoeft niet parallel te lopen met het vennootschappelijk belang en raakt de dualistische structuur van de BV die ik in paragraaf 3.3 besprak. Op die plaats ging ik kort in op de instructiebevoegdheid van de algemene vergadering. De instructiebevoegdheid van de algemene vergadering raakt ook de in dit hoofdstuk te bespreken interne verhoudingen. De kapitaalverschaffer zonder stemrecht ziet zich geconfronteerd met kapitaalverschaffers met stemrecht die door middel van de instructiebevoegdheid invloed op het bestuur en de vennootschap kunnen uitoefenen.1 In dat kader is de vraag in hoeverre het bestuur instructies dient op te volgen en met welke belangen, waaronder bijvoorbeeld die van de kapitaalverschaffer zonder stemrecht, het bestuur rekening moet houden.