De intrekking van beschikkingen, mede in Europees en rechtsvergelijkend perspectief
Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.17.5.3:IV.17.5.3 Onderscheid § 48 lid 2 en lid 3 VwVfG
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.17.5.3
IV.17.5.3 Onderscheid § 48 lid 2 en lid 3 VwVfG
Documentgegevens:
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS382567:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hoewel zowel in het tweede als in het derde lid van § 48 VwVfG sprake is van bescherming op grond van het vertrouwensbeginsel, is het resultaat bij toepassing van beide bepalingen anders. Wanneer in geval van een Leistungs-beschikking sprake is van beschermenswaardig vertrouwen, dan bepaalt § 48 lid 2 VwVfG dat de beschikking niet mag worden ingetrokken. De onrechtmatige beschikking blijft dus in stand. Om die reden wordt ook wel gezegd dat § 48 lid 2 VwVfG Bestandsschutz biedt. Ten aanzien van de andere begunstigende beschikkingen geldt dat beschermenswaardig vertrouwen niet in de weg staat aan intrekking, maar wel leidt tot een compensatieverplichting jegens de begunstigde. Daarom wordt ook wel gezegd dat in het derde lid sprake is van Vermögensschutz.12