Einde inhoudsopgave
Verordening (EU) 2024/1157 betreffende de overbrenging van afvalstoffen, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1257/2013 en (EU) 2020/1056 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1013/2006
Artikel 53 Procedurele voorschriften voor de invoer uit een land waarop het OESO-besluit van toepassing is of uit andere gebieden in crisissituaties of tijdens vredestichtings- of vredeshandhavingsoperaties
Geldend
Geldend vanaf 20-05-2024
- Bronpublicatie:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/1157 (uitgifte: 30-04-2024, regelingnummer: 2024/1157)
- Inwerkingtreding
20-05-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/1157 (uitgifte: 30-04-2024, regelingnummer: 2024/1157)
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Afval
1.
Bij de invoer in de Unie van voor nuttige toepassing bestemde afvalstoffen uit landen waarop het OESO-besluit van toepassing is en met doorvoer via landen waarop het OESO-besluit van toepassing is, of in de in artikel 52, lid 1, punt e), genoemde gevallen zijn de bepalingen van titel II, met de in de leden 2 en 3 uiteengezette wijzigingen en aanvullende bepalingen, van overeenkomstige toepassing.
2.
De volgende wijzigingen zijn van toepassing:
- a)
de overeenkomstig artikel 9 vereiste toestemming mag stilzwijgend worden verleend door de bevoegde autoriteit van verzending buiten de Unie;
- b)
overbrengingen van afvalstoffen die bestemd zijn voor experimentele proeven zoals bedoeld in artikel 4, lid 5, zijn onderworpen aan de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming;
- c)
overbrengingen van afvalstoffen die bestemd zijn voor laboratoriumanalyse zoals bedoeld in artikel 4, lid 5, zijn onderworpen aan de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming, tenzij de hoeveelheid van dergelijke afvalstoffen is vastgesteld op basis van de minimumhoeveelheid die redelijkerwijs nodig is om de analyse in elk afzonderlijk geval naar behoren uit te voeren, en niet meer dan 25 kg bedraagt, in welk geval de procedurele voorschriften van artikel 18 van toepassing zijn;
- d)
de bepalingen van artikel 51, lid 2, punten a) tot en met e), zijn van toepassing.
- e)
3.
Ook artikel 51, lid 3, is van toepassing
4.
De overbrenging mag alleen plaatsvinden indien aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
- a)
de kennisgever heeft schriftelijke toestemming van de bevoegde autoriteiten van verzending, van bestemming en eventueel van doorvoer ontvangen, of stilzwijgende toestemming door de bevoegde autoriteit van verzending buiten de Unie is verleend of mag worden verondersteld, alsook is aan de in de respectieve besluiten gestelde voorwaarden voldaan;
- b)
er is voldaan aan de voorwaarden van artikel 51, lid 4, punten b), c) en d);