De bij dode opgerichte stichting
Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/1.3.3:1.3.3 Tussenconclusie
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/1.3.3
1.3.3 Tussenconclusie
Documentgegevens:
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232222:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. EstateTip Review 2017/40, ‘De postmortale stichting; blijft onbekend ook onbemind?’
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wat zijn de kansen voor de bij dode opgerichte stichting in de toekomst? Hiervoor bleek dat de van oudsher bestaande belemmeringen voor het grootste deel zijn verdwenen. Zo is de legitimaris sinds 2003 niet langer erfgenaam met een goederenrechtelijke aanspraak op de nalatenschap, maar heeft hij nog slechts een vordering in geld op de erfgenamen. Verder is in 2010 de APV-regeling geïntroduceerd. Deze regeling maakt dat onder omstandigheden de bij dode opgerichte stichting fiscaal transparant is. Het wel of niet via een stichting laten vererven van een nalatenschap levert daardoor geen fiscaal nadeel op. De enige overgebleven hindernis van belang is de aanmerkelijkbelangheffing. Doorschuiven van de aanmerkelijkbelangclaim is niet mogelijk als de bij dode opgerichte stichting het economische belang bij aanmerkelijkbelangaandelen verkrijgt.
Ondanks dat slechts één potentiële hindernis is overgebleven, is de bij dode opgerichte stichting kennelijk niet erg populair.1Wellicht dat mijn onderzoek mag bijdragen aan een grotere populariteit.